In elke klas zit een Mariëlle

 

“Wat is jullie doelgroep?”, had Mariëlle aan de directie gevraagd. Die vraag wist de directie niet te beantwoorden.

 

 

In elke klas zit een Mariëlle. Mariëlle is een wat stille studente, die weinig opvalt, maar wel trouw en gedegen haar werk doet. Vorig jaar had ik ook zo’n Mariëlle in mijn mentor-klas 2A. Ik kreeg tijdens de bijeenkomsten op school niet veel hoogte van haar, maar tijdens het kennismakingsgesprek kwam ik wat meer van haar achtergrond en ambities te weten. Ze vertelde dat ze naast haar studie op de administratie van het aannemersbedrijf van haar oom werkte. Binnen die mannenwereld had ze geleerd haar vrouwtje te staan en eigenlijk runde zij achter de schermen de hele toko. Ze stond natuurlijk niet zelf op de steiger, maar regelde in haar eentje wel alle contacten, bestellingen, orders, personeelszaken en de communicatie. Ik vond dat indrukwekkend, voor een studente van 21 jaar. En het verbaasde me dat ze met die achtergrond juist op school zo weinig op de voorgrond trad.

Dit jaar kwam ik haar weer tegen tijdens de stageterugkomdagen van haar klas, inmiddels gepromoveerd tot 3A. Tijdens de stage komen alle studenten een keer per maand een paar uur terug op school om hun ervaringen te delen en om te bespreken in hoeverre de lessen van school toepasbaar zijn op de praktijk en hoe wij kunnen leren van het werk van communicatieprofessionals. Bij het rondje ‘ervaringen delen’ valt het op dat vrijwel alle stagiairs tot hun plezier en geruststelling merken dat ze na een paar weken al redelijk goed kunnen meedraaien en dat ze vooral moeten schrijven en regelen. Het zelfvertrouwen stijgt met de maand.

Na de derde terugkombijeenkomst wil Mariëlle na afloop nog wat met me bespreken. Typisch Mariëlle: niet tijdens de gespreksronde in de klas, maar na afloop onder vier ogen. Haar stage-begeleidster is ziek geworden en nu heeft de marketing-manager van haar stage-organisatie (een kledingbedrijf met een bescheiden marktaandeel) gevraagd of zij de taken van haar begeleidster wil overnemen. “Wat vindt u daarvan?”, peilt ze voorzichtig. “Denk je dat je die uitdaging aankunt?”, vraag ik. “Ik weet het niet”, zegt ze. “Zal het moeilijker zijn dan het runnen van een bouwbedrijf?”, probeer ik met een glimlach. “Nee, dat denk ik niet!”, lacht ze terug.

Een maand later vraag ik Mariëlle tijdens de gespreksronde naar haar ervaringen. Ze steekt ongekend enthousiast van wal en vertelt hoe na haar begeleidster ook het marketing manager onverwachts was uitgevallen. De directie had Mariëlle vervolgens gevraagd om de productie van al het promotie-materiaal van de zomercollectie voor haar rekening te nemen. De eerste grote klus zou het regelen van modellen via modellenbureaus zijn. “Wat is jullie doelgroep?”, had Mariëlle aan de directie gevraagd. Die vraag wist de directie niet te beantwoorden.”We maken gewoon mooie kleding zonder ons te richten op een specifieke doelgroep, en tot nu toe gaat dat heel redelijk”, kreeg Mariëlle te horen.”Maar hoe weet ik dan welke modellen ik moet selecteren, en welke tone of voice ik moet hanteren?”, had Mariëlle gevraagd.  “Heb jij daar zelf ideeën over?”, had de directie haar nieuwsgierig gevraagd.

Mariëlle vertelt hoe ze vervolgens een week later een presentatie had gehouden voor de directie met een positioneringsspel en een opdracht om te komen tot een schets van een ijk-persoon. De directie was helemaal overtuigd geraakt en Mariëlle kreeg carte blanche om op basis van een gerichte positionering een promotieplan voor de zomercollectie te gaan opstellen en uitvoeren.

Tijdens de laatste terugkomdag vertelt Mariëlle me dat ze een parttime baan aangeboden heeft gekregen bij haar stagebedrijf. “Niet meer dan 10 uur per week hoor, anders gaat het ten koste van de studie” stelt ze me gerust. “En het aannemersbedrijf dan?”, vraag ik.  “Dat gaat mijn zusje nu doen”, antwoordt Mariëlle, “zij is net klaar met de Havo”. “Zou zij daarnaast ook niet hier willen komen studeren?”, opper ik.

Want zeg nou eerlijk: nog zo’n Mariëlle kan elke opleiding goed gebruiken.