Bijzonder Indonesië

Ik ben onlangs voor het eerst van mijn leven in Azië geweest (als ik een kort uitstapje naar de overkant van de Bosporus in Istanbul, 40 jaar geleden, niet meetel). Indonesië was de bestemming, waar ik ruim een week heb doorgebracht op Bali en een krappe week in Jogjakarta op Java. Ik probeer een aantal indrukken van Indonesië op een rij te zetten, ook al ben ik slechts op een paar plekken in dit grote, veelzijdige land geweest en heb ik geen vergelijkende ervaringen met andere Aziatische landen.

Door de historische band tussen Nederland en Indonesië had ik al de nodige kennis en indrukken van het land, voordat ik het zelf bezocht. Op school leerde ik over de VOC, de koloniale periode, de politionele acties (door de Indonesiers zelf ‘militaire operaties’ genoemd), de uitdrukking ‘Indonesië verloren, rampspoed geboren’, Soekarno en Soeharto.

Afbeelding viering onafhankelijkheid         Museum Fort Vredeburg, Jogja

Mijn beeld van Indonesië werd nog verlevendigd en verdiept door ontmoetingen met mensen met Indisch bloed of een verleden in Indonesië en via de literatuur (Max Havelaar, Hella Haasse, Adriaan van Dis). En dan waren er natuurlijk nog de heerlijke Indonesische gerechten en bekende Indo’s zoals Wieteke van Dort, de Blue Diamonds, Anneke Grönloh, Boudewijn de Groot en Marion Bloem.   Ten slotte heb ik tijdens mijn studie Politicologie uitgebreid studie gedaan naar het 19e eeuwse Cultuurstelsel en in het bijzonder de koloniale suikerproductie op Java.

Zodoende wist ik al dat Indonesië een veelkleurig eilandenrijk is, een vruchtbaar land, een gordel van smaragd, een relatief jonge natie die worstelt met het vinden van een goede machtsbalans, dat Indonesië het land is met de grootste moslimpopulatie ter wereld, dat Sumatra zwaar werd getroffen door de tsunami van 2004 en Bali door bomaanslagen in 2005, dat Indonesië de potentie heeft van een Aziatische tijger, maar ook kampt met economische tegenslagen.

Maar alles dus uit de tweede hand; ik had tot voor kort geen eigen Indonesische ervaringen.

 

NATUUR

De natuur in Indonesië is overweldigend. Zon, regen (we zijn er in de regentijd) en vulkanische grond zorgen voor een ideale mix voor alles wat groeit en bloeit. Je ziet de mooiste bloemen en vruchten en overal ruik je de planten en de bloesem van de bomen. Wat in Nederland met moeite als kamerplant in een pot in leven blijft, schiet in Indonesië links en rechts van je metershoog op. En dan zijn er natuurlijk de eindeloze rijstvelden die via ingenieuze irrigatiesystemen terrasvormig zijn aangelegd.

 

 

 

 

 

 

Het is niet alleen de pracht van de natuur, maar ook de kracht van de natuur die indruk maakt. Geen wonder dat men in oude volksverhalen en overgeleverde tradities goddelijke kracht toekende aan bomen, bergen en zeeën.

 

OP STRAAT

Er wordt geleefd, gewerkt, gegeten, gehandeld en geslapen op straat. Vooral in de steden krioelt alles door elkaar. Op de straten wemelt het van de scooters. Ik heb me laten vertellen dat ieder gezin zeker twee tot drie scooters heeft. En op die scooters wordt alles vervoerd: van droogkappen, televisies, kippenmanden, bundels palmtakken en eettentjes tot complete gezinnen. Naast de scooters zie je tuk-tuks (bedcaks genoemd) en ook de nodige auto’s, bijna allemaal van Japanse makelij. Vooral de Toyota Aranza (een soort minivan) is populair.

 

 

 

 

 

 

 

Langs de straten zie je een aaneenschakeling van winkels, warungs, stalletjes, eetkraampjes en toko’s. Zelden zie je mensen afzonderlijk in een winkel of bij een kraampje staan. Er zijn al gauw drie, vier mensen die samen de toko runnen. Toen ik in een apotheek een zalfje voor mijn lip ging halen telde ik in de gauwigheid 14 medewerkers achter de toonbank. Ik heb met verbazing en bewondering naar een eetstalletje naast ons hotel in Jogja gekeken. Iedere namiddag werd een kraam opgebouwd rondom een soort minikeuken met twee gasbranders en een paar wokpannen waarin de lekkerste gerechten werden bereid. Onder een dekzeil vandaan werden een eenvoudige houten tafel en twee zitbankjes tevoorschijn gehaald. Dat dekzeil werd vervolgens over de kraam aangebracht als afscherming tegen regen en zon. Bij veel stalletjes bevat het dekzeil bij wijze van reclame ook de naam van het eettentje en de culinaire specialiteit. Bij het tentje naast ons hotel schoven iedere avond  mensen aan. Vooral in de stad eet men vaak niet thuis, maar langs de straat. En wat smaakte het eten overal goed!

 

NEDERLANDSE TAALRESTEN

  • Notaris
  • Knalpot
  • Sprei
  • Permisi
  • Koffie
  • Gordyn
  • Waterleiding
  • Asbak
  • Jas
  • Handdoek

 

RELIGIE

Geloof en traditie zijn geen bijzaken, maar zijn verweven met het dagelijkse leven in Indonesië. In Jogjakarta is (net als in de rest van Java) de islam dominant. Vijf keer per dag klinkt uit talloze moskeeën de oproep tot gebed. De meeste vrouwen dragen een hoofddoek en in veel restaurants is geen alcohol te krijgen. Op het plafond in ons hotel wijst een pijl naar de richting waar Mekka te vinden is; vanuit Indonesisch perspectief niet in het oosten, maar in het noordwesten.

Het is opmerkelijk dat juist dichtbij het islamitische Jogja zowel de grootste boeddhistische tempel ter wereld (Borobudur) als het grootste Hindoeïstische tempelcomplex ter wereld (Prambanan) te vinden is. Deze tempels worden ook door grote groepen islamitische toeristen bezocht.

Jogja is van oudsher een belangrijk knooppunt van religies en tradities. Kennelijk konden door de eeuwen heen de grote wereldreligies hier naast elkaar bestaan. Toch spraken enkele (niet-moslim) Javanen tegen ons de vrees uit dat de islam dominanter en intoleranter gaat worden in Indonesië.

 

 

Op Bali kent men een eigen variant van het hindoeïsme. Deze religie wordt hier minstens zo intensief beleefd als de islam op Java. Balinezen besteden een aanzienlijk deel van hun tijd, geld en aandacht aan het voldoen aan allerlei religieuze vieringen en verplichtingen. Ieder huis heeft zijn eigen tempel (van een bescheiden zuiltje tot een heel complex van gebouwtjes). Overal zie je kleine offertjes liggen, die dagelijks worden ververst. Offertjes zijn kleine pakketjes die doorgaans van palmblad zijn gemaakt en die gevuld zijn met wat bloemen, vruchten, rijst en een stokje wierook.

 

 

 

 

 

 

 

 

LITERAIRE GIDS

Ik vind het vaak de moeite waard om op vakantie een boek me te nemen van een schrijver uit het land van bestemming. Dat geeft vaak wat extra kleur aan de reiservaring. In dit geval was mijn keus gevallen op het boek Het getal Fu van de moderne Indonesische schrijfster Uya Utami.

Het boek vertelt het verhaal van een hoofdpersoon met een passie voor bergbeklimmen. Hij ontmoet een bijzondere, inspirerende jongeman die probeert de tradities van Java (“volksverhalen zijn de bewaarplaats van informatie”) te verbinden aan de uitdagingen van de moderne tijd. De hoofdpersoon en zijn vriendin raken steeds meer in de ban van de jongeman. De verhouding tussen deze drie mensen doet denken aan de hoofdpersonen uit het boek Norwegian Wood van Murakami. Dit gevoel wordt versterkt aan het einde van het boek als de voorliefde voor westerse muziek wordt beschreven (mijn muzikale held Bob Dylan wordt daar met veel waardering genoemd: “juist omdat hij geen goede stem had, weten we dat hij een man met een ziel was”). Ook de tragische ontknoping lijkt in zekere zin op die van Norwegian Wood. Maar dit boek is met z’n ruim 500 pagina´s veel meer dan een roman over drie jonge mensen. Door het verhaal heen weeft Utami tal van bespiegelingen over de meest uiteenlopende zaken: over bergen en vulkanen, over het verschil tussen oosterse en westerse religies, over scheikunde, over de rivaliteit tussen Soendanezen en Javanen, over de oorsprong van inheemse tradities, over de koloniale tijd, over filosofie, over getalsystemen die uitgaan van het getal 10 en het getal 12. Al deze verhalen en beschouwingen zijn samengebracht in drie hoofddelen van het boek die (fraai allitererend) de titels Moderniteit, Monotheïsme en Militarisme dragen. Deze drie grote thema’s zijn volgens Utami tekenend voor het post-koloniale Indonesië. Een land dat wordt uitgedaagd door de moderne tijd, maar ook hecht aan oude waarden. Een land dat in het recente verleden gebukt ging onder het militaire regime van Soeharto en moeite heeft een democratische balans te vinden. En een land dat rijk is aan een veelheid van religieuze tradities maar waarin tegenwoordig de monotheïstische islam de boventoon voert. Utami lijkt in haar encyclopedische boek te kiezen voor de weg van de inspirerende jongeman die pleit voor het zoeken naar een evenwicht tussen vooruitgang en verlichting enerzijds en respect voor de natuur en tradities anderzijds. Al met al een boeiend boek dat hier en daar wat wijd uitwaaiert, maar wel een rijk inzicht biedt in verleden, heden en toekomst van Indonesië.

 

PERSOONLIJK

De meest bijzondere ervaringen tijdens deze vakantie waren vooral van persoonlijke aard. De belangrijkste aanleiding om naar Indonesië te gaan was het feit dat onze oudste zoon daar een half jaar verblijft en wij hem graag wilden opzoeken. Ook onze twee dochters gingen mee. We hebben aan de andere kant van de wereld met elkaar veel mooie momenten beleefd en dankzij onze zoon bijzondere mensen ontmoet en prachtige plekken bezocht. Dat gaf een extra positieve en gedenkwaardige lading aan deze vakantie. Herinneringen om lang te koesteren.

Onze kinderen in de Tirtah Empul watertempel