Categoriearchief: Kunst & cultuur

Van A naar Z

 

Van A naar Z

Van 020 naar 030

Van veen naar zand

Van rij naar vrij

 

Deze zomer staat geheel in het teken van onze verhuizing. Eind 2018 hebben we een huis gevonden dat alle kenmerken heeft waarvan we al jaren dromen: jaren ’30, vrijstaand, sfeervol, ruime tuin, centraal gelegen en niet ‘in the middle of nowhere’. Dat huis bleek in Zeist te staan. Op steenworp afstand van het huis waar ik tussen mijn 16e en 18e jaar heb gewoond. Puur toeval. Ik moet er op weg naar school honderden keren langs zijn gefietst zonder me te realiseren dat ik er ruim veertig jaar later zou gaan wonen. Heel bijzonder dat een leven dit soort wendingen kan nemen. Jeugdsentiment is echter niet de reden dat ik naar deze plek terugkeer. Het huis had ook in Amersfoort of Driebergen kunnen staan.

Ik heb gemerkt dat Zeist niet bij iedereen duidelijke associaties oproept. Vooral jongere mensen hebben geen idee waar Zeist ligt (“dat klinkt als verweggistan”) en hoeveel mensen daar wonen (“zal wel een klein gat zijn”). Ze zijn verbaasd als ik hen vertel dat Zeist heel centraal ligt en dat er ruim 60.000 mensen wonen.  Andere mensen kennen Zeist van de KNVB en roepen daar het daar mooi en groen is. Dat is allemaal waar. Ik denk dat ik dit blog nog wel eens ga gebruiken om wat aan Zeist-promotie te doen.

Op ons oude adres in Amstelveen hebben we de afgelopen maanden alles wat we daar gedurende 33 jaar hebben binnengesleept uitgezocht, gesorteerd, ingepakt dan wel afgevoerd. De afgelopen week hebben we afscheid genoten van onze buren en van de winkeliers op het pleintje waar we al zoveel jaren onze boodschappen doen. Met enige weemoed, maar zonder te twijfelen over onze overstap naar Zeist.

Op ons nieuwe adres is een aannemer aan de slag die fraai werk levert maar ook gaandeweg op onvoorziene zaken stuit die extra aandacht en tijd vergen. Wij helpen af een toe een amateuristisch handje mee. Daarnaast hebben we het nodige te regelen met de notaris, de bank, de energieleverancier, de verzekeraar, de internetprovider, de verhuizer en de vloerenlegger.

 

De afgelopen tijd is het duidelijk geworden dat de verbouwing uit gaat lopen. De verhuizing vanuit Amstelveen was niet meer tegen te houden en ook de verhuiskaart (met de woorden die bovenaan dit blog staan) was al gedrukt en verstuurd. De verhuizer zal onze spullen enige tijd opslaan totdat alles klaar is. Wij proberen van de nood een deugd te maken door in de tussentijd  ons te vermaken in een vakantiehuisje in Wijk bij Duurstede. Een schilderachtig, rustig stadje. Vlakbij de pont over de Lek staat een gedenksteen met het bekende gedicht van Hendrik Marsman: “Denkend aan Holland zie ik brede rivieren….”.

 

Ik ken het gedicht goed. In een van mijn verhuisdozen zit een fraaie, ingelijste rijmprent van dit gedicht. De prent was van mijn vader die hem in de oorlog van een illegale drukker heeft gekregen. Hij krijgt een ereplaatsje in ons nieuwe huis. Heel passend want Marsman is geboren en getogen in Zeist.

 

De rijmprent blijft nog even met vele andere dozen in de opslag. We zijn onderweg van A naar Z, maar zitten voorlopig in W.

WP, weg of mee?

 

 

Als je gaat verhuizen sta je voor de keuze of je al je bezittingen mee wil nemen naar de nieuwe woning, of dat dit nu juist het moment is om van bepaalde zaken afscheid te nemen. Wij hebben besloten om onze aanstaande verhuizing aan te grijpen om een grote opruimactie te houden. We gaan voor het eerst in 33 jaar verhuizen en dan is het de hoogste tijd om afstand te doen van oud kinderspeelgoed, roestig tuingereedschap, overtollige ovenschalen en gedateerde prullaria. Niet dat we nooit eerder hebben opgeruimd, maar over het algemeen hebben we de afgelopen decennia meer naar binnen gesleept dan naar buiten gewerkt. Daarom zijn we al weken bezig om alles nog een keer door onze handen te laten gaan en te kiezen: ‘mee’ of ‘weg’. Dat is op zich een nuttig ritueel waarbij weemoed, plezier en verbazing elkaar afwisselen. Van bepaalde spullen weet je niet eens meer dat je ze nog had. Dat levert soms een dierbare herontdekking op, maar meestal vraag je je af waarom je dat in hemelsnaam al die tijd hebt bewaard.  Andere zaken zijn leuk om nog eens te bekijken, maar niet om mee te nemen naar het nieuwe huis. Ook zijn er spullen die destijds handig en bruikbaar waren (videobanden, diaprojector, schrijfmachine, handmixer) maar die nu door de moderne technologie volkomen achterhaald zijn. Geen wonder dat we tegenwoordig regelmatig naar de kringloopwinkel en het afvalstation gaan, of advertenties plaatsen op Marktplaats.

Er zijn natuurlijk ook twijfelgevallen. Zo worstel ik momenteel het meest met de 20-delige Winkler Prins encyclopedie. Ik moet eerlijk bekennen dat ik er al jarenlang geen blik in heb geworpen en dat de 20 rode banden bovenin de boekenkast op mijn studeerkamer alleen maar stof staan te vangen. Maar het imposante geheel vertegenwoordigt iets wat mij na aan het hart ligt. Ik ben namelijk zo lang als ik me kan herinneren verslingerd aan naslagwerken, woordenboeken, atlassen, jaarboeken en dus ook aan encyclopedieën.

Standbeeld van Denis Diderot in Langres. Hij geldt als de initiatiefnemer van de 18e eeuwse ‘Encyclopédie’, een door meerdere auteurs samengestelde reeks boeken waarin men probeerde alle destijds beschikbare kennis van wetenschappen en kunsten vast te leggen. (eigen foto)

 

In de 6e klas van de lagere school (voor de jongere lezers: dat is groep 8 van de basisschool) mocht ik van de meester iets voor mezelf doen als ik klaar was met een opdracht. Ik liep dan altijd naar een grote kast aan de zijkant van het lokaal waarin een encyclopedie stond. Ik pakte er willekeurig een band uit en begon lekker te grasduinen: bladeren, plaatjes kijken, teksten lezen. Daar kon ik eindeloos mee doorgaan. Mijn oudere broer kreeg in die tijd voor zijn verjaardag een 12-delige kinderencyclopedie waaraan ik meer plezier beleefde dan hijzelf. Die interesse is nooit overgegaan.

 

 

Toen ik rond mijn 20e jaar (eind jaren ’70) voor het eerst bij de ouders van mijn toenmalige vriendin (nu vrouw) over de vloer kwam viel mij meteen op dat zij een Winkler Prins in de kast hadden staan. Mijn schoonvader vertelde dat er op een dag een colporteur aan de deur was geweest die hem had weten te overtuigen dat een encyclopedie in geen gezin mocht ontbreken. Zeker niet als er schoolgaande kinderen waren. Mijn schoonvader wilde zich niet laten kennen en zette zijn handtekening op een formulier dat hem op gezette tijden een nieuw deel beloofde waarvoor hij in termijnen zou gaan betalen. Uiteindelijk kostte deze ‘alomvattende kennisverzameling’ hem enkele duizenden guldens en bleek het een investering waarvan nauwelijks gebruik werd gemaakt. Totdat de toekomstige schoonzoon zijn intrede deed. Net als destijds op school pakte ik met regelmaat een WP-deel uit de kast van mijn schoonouders om met plezier in rond te neuzen. Vanaf die tijd hoopte ik dat die encyclopedie ooit nog eens in mijn bezit zou komen.

Dertien jaar geleden was het moment daar. Mijn schoonmoeder overleed in 2006 en iedereen in de familie gunde mij de encyclopedie. Ik ontruimde een plank in mijn boekenkast en installeerde daar trots mijn trofee. Maar het bleek een Pyrrhus-overwinning. In de tussenliggende jaren had de digitale revolutie zich voltrokken. Computer en internet bleken beter en sneller in staat om mij allerhande informatie te bieden. Ik had in de jaren ’90 voor een paar tientjes een encyclopedie op CD-rom aangeschaft die ook geluiden en bewegende beelden bevatte. Daar kon de oude, papieren kennis-reus niet tegenop. Het resultaat van dit alles is dat ik in de afgelopen dertien jaar hooguit een enkele keer in de Winkler Prins heb gekeken.

Dus, wat moet ik nu? Omdat mijn hoofd ‘weg’ zegt en mijn hart ‘mee’, zoek ik naar een uitweg. Zomaar weggooien vind ik zonde. Zou ik iemand anders er een plezier mee kunnen doen? Ik ben nu al een tijdje aan het leuren, maar ik heb nog steeds niemand weten te strikken. Ik ben kennelijk niet geschikt als colporteur. Ik heb twee basisscholen benaderd, maar daar werd ik aangekeken alsof ik uit het stenen tijdperk kwam. Op Marktplaats aanbieden heeft geen zin als ik kijk naar de grote aantallen encyclopedieën die daar tegen bodemprijzen worden aangeboden. Ook de kringloopwinkel heeft geen interesse.  De uitbater vertelde me vriendelijk dat hij al drie encyclopedieën heeft staan die hij aan de straatstenen niet kwijt raakt. ‘Wat raad je me dan aan?’, vroeg ik hem bijna wanhopig. ‘Gewoon naar het afvalstation brengen en in de oud papier container kieperen’, was zijn kordate antwoord. Dat kan ik niet over mijn hart verkrijgen, maar meenemen naar mijn nieuwe huis heeft ook geen zin.

Ik ga over vijf weken verhuizen. De tijd dringt en de vertwijfeling groeit. De encyclopedie heeft helaas geen lemma dat me helpt met mijn dilemma. Ik hoop stiekem dat een van de lezers van dit blog mij verder kan helpen. Ik doe mijn encyclopedie met liefde in de aanbieding. Gratis af te halen. Desgewenst kom ik hem persoonlijk afleveren. Met twee supplementen en de tweedelige Winkler Prins voor de Vrouw erbij!

Sleutels

Vorige week kregen we de sleutels van ons nieuwe huis. Een uur voordat we officieel gingen tekenen bij de notaris vond de zogenaamde inspectie plaats. Samen met de makelaar en de eigenaren liepen we door het huis dat nog heel even van hen was. We hadden het huis al een paar keer gezien, maar nog nooit in compleet lege staat. Alle ruimtes leken groter.

Onbewust waren we toch een beetje bang geweest dat zo’n kaal huis ons zou tegenvallen, maar de rondgang maakte ons alleen maar enthousiaster. De eigenaren legden ons uitvoerig de bijzonderheden van het huis uit. Waar het lichtknopje in de kelder zat, hoe de oven werkte, dat de schuurdeur wat klemde, hoe het water afgesloten kon worden, etc. Een bijzonder ritueel waarmee zij met enige moeite hun vertrouwde, dierbare huis loslieten. Ze hadden hier ruim 11 jaar met veel plezier gewoond. Hun kinderen waren hier geboren. Nu was het tijd voor een nieuw huis met meer leef- en werkruimte. Als laatste onderdeel van de inspectie kregen we uitleg over de sleutels. Deze zaten keurig gesorteerd in een mooi blauw doosje.

Een half uur later zaten we met elkaar bij de notaris. Daar werd de akte doorgenomen en door alle aanwezigen getekend. De koop was nu formeel rond en de overdracht bezegeld. We kregen het blauwe doosje met de sleutels overhandigd. Het enige tastbare bewijs dat het huis nu van ons was. De rest was alleen maar papierwerk en daar krijg je geen deuren mee open.

Binnen een uur waren huidige eigenaren vorige eigenaren geworden, en wij nieuwe eigenaren. Gewapend met de blauwe sleuteldoos gingen we opnieuw naar het huis. Voor het eerst maakten we zelf de voordeur open. Blij maar ook wat onwennig liepen we nog een keer uitgebreid het hele huis door. Het was nu ons huis, maar zo voelde het nog niet echt. De sleutels pasten in ieder geval allemaal.

Over ruim twee maanden zal er nog een keer een inspectie zijn. Maar dan van het huis waar wij de afgelopen 33 jaar met veel plezier hebben gewoond. Waar onze kinderen zijn geboren. Waar we heel veel hebben beleefd. Dan zullen wij op onze beurt de nieuwe eigenaren wegwijs maken. Dat zal ook voor ons even slikken worden. We zijn toe aan een nieuwe stek, maar dat betekent niet dat we makkelijk afscheid nemen van onze huidige vertrouwde omgeving. Gelukkig hebben we nog de hele zomer om aan het idee te wennen. Om het nieuwe huis ons meer eigen te maken en om het oude huis langzaam los te laten. Dat biedt ook voldoende tijd om ons oude sleutelbakje een keer grondig uit te vlooien. Wij hebben namelijk ook zo’n verzamelbakje, alleen niet zo netjes geordend.

Er zitten courante sleutels in, maar ook oude fietssleutels, sleutels van buren die al lang verhuisd zijn en de sleutel van de oude keukendeur die twintig jaar geleden is vervangen door een schuifpui. Daarnaast nog een dozijn sleutels die ik niet direct kan thuisbrengen. Het gedicht Wisselgeld van Ingmar Heytze schiet me te binnen. Het sluit mooi aan op wat wij nu beleven:

 

 Wisselgeld

Voor K. Schippers

 

Zoals in de buitenste vuilniszak

van een verse rol altijd eerst de verpakking

van die rol gaat – scheuren, uitslaan, frommelen,

 

klep dicht, klaar – zo vind je bij elke verhuizing

weer hetzelfde blik met sleutels. Je hebt geen

flauw idee of ze nog passen, op welk slot.

 

Wie weet welke deur of kast, wat voor postvak,

fiets van vroeger voorgoed vergrendeld werd.

De laatste doos is ingeladen, ieder gat gevuld,

 

vloeren en muren laten zien waar alles stond,

alleen aan jou. Jij moet verder, iets

Of iemand drijft je voort, je denkt opnieuw

 

ik wil dit niet maar blijkbaar trek je nooit

een lijn zonder eroverheen te gaan. Je pakt

het blik en loopt nog één keer alle kamers door.

 

Zo komt hier en daar een sleutel thuis waarvan

je niet meer wist wat ermee openging, maar

meer, veel meer nog hou je over, het blik

 

gaat als wisselgeld in je tas en straks weer

onder in een nieuwe kast. Ergens, denk je,

staat een huis waarin je thuiskomt. Alles past.

 

 

(uit: De man die ophield te bestaan, 2015)

Ik ging naar Brussel om Jacques Brel te zien

 

“Het zijn juist de Franstaligen die Vlaanderen op de kaart hebben gezet. En Brel was een van hen”

 

Ik ging naar Brussel om Jacques Brel te zien. Althans, naar het charmante Jacques Brel museum aan de Oud Korenhuis-straat. Het was een aanrader van mijn broer Jan die al veertig jaar in Bussel woont en weet dat ik een fan van deze beroemde Belgische zanger ben. Het museum, Editions Jacques Brel, is sinds een paar jaar open en herbergt een intieme collectie in een paar bescheiden ruimtes. Het museum roept een jaren ’60 huiskamersfeer op en laat het belang zien van België en Brussel als inspiratiebronnen voor het werk van Brel.

Met mijn broer Jan als ideale stadsgids stapte ik de hal van het museum binnen. Ik bestelde twee kaartjes, maar de jonge vrouw bij de kassa bleek geen Nederlands te spreken. Ik schakelde daarom over naar mijn beste school-Frans. Jan mengde zich al snel in het gesprek en maakte met een kwinkslag duidelijk dat hij in een dergelijk cultureel centrum een ontvangst in correct Nederlands had verwacht. Mijn broer had op dit punt recht van spreken. Hij is docent Nederlands (volwassenen-onderwijs) en heeft veel Franstalige klanten die voor hun werk voldoende uit de voeten moeten kunnen met de Nederlandse taal. Bij overheidsorganisaties en openbare gelegenheden is tweetaligheid een vereiste, zeker in Brussel. In die zin is mijn broer iemand die geld verdient aan de Belgische taalstrijd. De kaartverkoopster beaamde dat haar talenkennis tekortschoot en dat ze ook maar eens bijles moest gaan nemen. Afgeleid door dit vrolijke intermezzo overhandigde ze ons per ongeluk twee kaartjes voor de Brel-wandeling in plaats van de Brel-tentoonstelling. Dat leverde van onze kant opnieuw plagerige commentaren op. Met een rood hoofd gaf ze ons vervolgens de juiste kaartjes en de bijbehorende audio-tour apparaten en konden we de tentoonstelling gaan bekijken.

In een van de zaaltjes las ik op een tekstbordje iets wat mij compleet verraste. Jacques Brel werd daar aangeduid als Brusselaar van Vlaamse afkomst. Ik had hem altijd gezien als een Waal, omdat hij Franstalig was. ‘Klopt dat wel?’ fluisterde ik naar mijn broer. ‘Ja’ zei Jan, ‘ik leg het je zo wel uit’. Een half uur later zaten we met een lekker glas bier op een terras aan de Boulevard Anspach. De doorgaans zo drukke verkeersader was tot mijn verrassing omgetoverd tot een voetgangersgebied waar wandelaars, skaters en fietsers vrij baan hadden.

Na een paar slokken begon mijn broer uit te leggen dat er in België inderdaad Franstalige Vlamingen zijn. Deze mensen hebben hun familiewortels in Vlaamse (of Brabantse) grond, maar spreken Frans. Over het algemeen gaat het om families uit hogere milieus die zich in de 19e en de eerste helft van de 20e eeuw liever associeerden met de hoger geachte Franse cultuurwereld dan met het weinig tot de verbeelding sprekende Nederland en de schraperige Nederlandse taal die in België in allerlei lokale dialecten werd vertolkt.

Eenmaal bij hem thuis duwde mijn broer me wat boeken van zijn vriend en België-kenner bij uitstek Benno Barnard in handen. Ik begon te bladeren en ontdekte een wondere wereld.

 

Frans was de taal van de upper class in heel België, dus ook in de Vlaamse gewesten. De kinderen uit deze Franstalige families leerden wat woordjes Vlaams op straat, van hun dienstmeisjes of op de dorpsschool. Het middelbaar onderwijs in de 19e eeuw was in geheel België uitsluitend Franstalig en werd alleen door scholieren uit hogere kringen bezocht. Deze Franstalige Belgen probeerden zich te spiegelen aan of te wedijveren met de intellectuelen en de elites in Frankrijk. Velen zouden tot hun ongenoegen ervaren dat de Fransen toch bleven neerkijken op deze tweederangs Franstaligen met hun licht afwijkende tongval en bijzondere woordenschat. Ze waren weliswaar Franstalig, maar bleven buitenbeentjes. Enkelen slaagden er desondanks in de harten van Frankrijk en de wereld te veroveren met hun verhalen, schilderijen en liederen, zoals de schrijver Maurice Maeterlinck (Nobelprijswinnaar in 1911), de dichter Emile Verhaeren en de zanger Jacques Brel. Opvallend genoeg vormt het traditionele, provinciale leven een rode draad in hun werk: het dorp, het buitenleven, het platteland. Daarmee waren het juist de Franstaligen die het rijke Vlaamse (Bourgondische) verleden ophemelden en het leven op het Vlaamse platteland romantiseerden.

In de woorden van Benno Barnard: “In de tijd van Verhaeren ontstond er een beeld van Vlaanderen dat vooral diende om de Franstaligen te onderscheiden van de inwoners van de Franse republiek. Ze waren anders….Dat mythische volkje was ooit rijk geweest, in de Bourgondische tijd, en had toen grote schilders, musici en schrijvers voortgebracht.”

Barnard durft de conclusie aan dat ‘Vlaanderen’ in de moderne zin van het woord, als cultuurhistorische eenheid eigenlijk een uitvinding is van de Franstalige bourgeoisie. Het zijn juist de Franstaligen die Vlaanderen op de kaart hebben gezet. En Brel was een van hen.

Beduusd legde ik de boeken opzij. Mijn kijk op Brel was veranderd, verrijkt, verfijnd. Ik dacht dat hij een Waal was die af en toe ook over Vlaanderen zong. Om de mensen aan de andere kant van de taalgrens een plezier te doen. Maar Vlaanderen zat dieper in zijn hart dan ik wist. Zijn tekst “le plat pays qui est le mien” moest letterlijk worden opgevat.

Brel en zijn oeuvre passen niet aan één kant van de simpele tweedeling Franstalig-Nederlandstalig, maar overstijgen deze juist. Hij is niet alleen die geweldige Belgische zanger die zo sterk zijn gedachten en gevoelens weet over te brengen (zoals ik hem altijd zag). Dit bezoek aan Brussel liet me inzien dat hij een soort Franstalige ambassadeur van het Nederlandstalige deel van België is geweest.  Brel, de paradoxale Belg par excellence. Een zanger die in alle Belgische gewesten een sentiment weet op te roepen dat bruggen zou moeten slaan, maar wiens diepere betekenis tegenwoordig helaas geen weerklank vindt bij de fanatici in hun loopgraven aan weerszijden van de taalgrens.

 

Aan het einde van die mooie Brusselse dag omhelsde ik mijn broer en nam ik afscheid. Eenmaal onderweg naar huis realiseerde ik me dat mijn broer op zijn manier, met zijn taallessen, net als Brel een bijdrage levert aan het overwinnen van barrières en het bij elkaar brengen van mensen. Dat moet ik hem nog eens zeggen.

 

 

Naschrift:

  1. Ik ken geen Nederlandse schrijver die zo veel en verhelderend over België heeft geschreven als Benno Barnard. Hij kan ook geweldig mooi en aanstekelijk over poëzie en dichters schrijven. Benno is de zoon van Willem Barnard die dominee was (wij gingen vroeger bij hem naar de kerk) en die gedichten schreef onder de naam Guillaume van der Graft. Voor dit blog heb ik de boeken Dichters van het Avondland (2006) en Mijn gedichtenschrift (2015) van Benno Barnard geraadpleegd.

 

  1. Maurice Maeterlinck is de bedenker van de namen Tyltyl en Mytyl. Het zijn personages in zijn sprookjesboek L’oiseau blue. Het verhaal is meerdere keren verfilmd. De namen Tyltyl en Mytyl zijn in Nederland gebruikt als soortnamen voor bepaalde schooltypen voor meervoudig gehandicapte kinderen.

Pijl en logo

 

Al jarenlang besteed ik tijdens de colleges Inleiding Communicatie aandacht aan logo’s. Aan de reacties van de studenten te merken is dat een populair onderwerp. Ik begin de bijeenkomst met de vraag wie er regelmatig met de trein reist. Ik roep vervolgens een van hen naar voren en vraag hem/haar het logo van de NS na te tekenen. Dat lijkt een eenvoudige opdracht, maar de ervaring leert dat het minder eenvoudig is dan je zou denken. Iedereen kent het logo, maar het uit je hoofd correct natekenen lukt de meesten niet. Vanuit de klas klinken allerlei aanwijzingen, wat het eindresultaat er meestal niet beter op maakt. Als de klas dankzij het NS-logo is opgewarmd doe ik een logo-quiz (op het internet zijn diverse varianten te vinden). Je ziet van een aantal logo’s slechts een fragment en moet dan raden om welk logo en welk merk het gaat. De studenten doen altijd enthousiast mee en zijn hier meestal erg goed in.

 

Deze twee appetizers vormen een mooi opstapje om daarna met elkaar te praten over de betekenis van logo’s, de relatie tussen logo en organisatie-identiteit en het belang van visuele communicatie. Tijdens het college laat ik nog een aantal opmerkelijke logo’s zien die ik in de loop van de tijd heb verzameld. Inmiddels heb ik een goed gevuld bestand op mijn laptop staan die ik heb gerangschikt op thema: logo’s  met dieren, logo’s in zwart-wit, logo’s die verwijzen naar kunst, logo’s met mensfiguren, logo’s met een directe verwijzing naar het product, abstracte logo’s, etc. Aan het einde van het college laat ik de studenten een aantal criteria formuleren waar goede logo’s aan moeten voldoen. Vrijwel altijd komen ze op de volgende voorwaarden uit: duidelijk, origineel, aantrekkelijk en passend bij de organisatie.

Sinds kort heb ik er een nieuwe categorie bij: logo’s met pijlen. Ik moest namelijk laatst op een dag heen en weer rijden van mijn woonplaats Amstelveen naar Zuid-Limburg. Ik zat in totaal vijf uur achter het stuur en halverwege de heenweg begon ik opeens te letten op de logo’s van de vele vrachtwagens die ik zag passeren. Je zou dat een vorm van beroepsdeformatie kunnen noemen. Hoewel ik logo’s in allerlei soorten en maten tegenkwam, sprong één dominante factor in het oog: op veel vrachtwagens stond een dubbele pijl.

Op de terugweg begon ik de pijlen-logo’s die ik tegenkwam langs de meetlat van mijn studenten te leggen. De meeste waren voldoende duidelijk. Slechts enkele vond ik aantrekkelijk (hoewel dat natuurlijk een kwestie van smaak is). De dubbele pijl is natuurlijk passend voor een vervoersbedrijf. Deze vrachtwagens gaan van A naar B en weer terug. Dat kun je treffend afbeelden met een dubbele pijl. Het grootste knelpunt bleek de originaliteit. Als zoveel bedrijven een dubbele pijl in hun logo hebben, hoe onderscheidend ben je dan nog?

Op een gegeven moment zag de dubbele pijl ook op de Flixbus die op de andere weghelft reed. En het schoot me te binnen dat het NS-logo ook twee pijlen bevat. Dat maakte het geheel nog minder origineel. De hele vervoersbranche gebruikt dubbele pijlen.

Een helder ping-geluid onderbrak mijn gemijmer. Ik moest tanken. Bij het eerste tankstation langs de A2 maakte ik een stop en ik besloot ook een koffie-pauze in te lassen. Nadat ik mijn tank had volgegooid parkeerde ik mijn auto bij de naastgelegen Subway. Bij het binnenlopen kon ik een glimlach niet onderdrukken: ook de Subway heeft een logo met een dubbele pijl. Dat heeft natuurlijk niets met koffie en broodjes te maken maar alles met de oorsprong van de naam.

Onder het genot van mijn kop koffie ontdekte ik op mijn smartphone dat ook het keurmerk voor transport en logistiek een dubbele pijl bevat.

Kennelijk kan men niet anders verzinnen in deze sector.

Toen bedacht ik dat mijn ervaringen van deze dag een mooie introductie konden vormen voor de colleges Inleiding Communicatie die over twee weken starten. Bij de les over logo’s zal ik de studenten na mijn introductie een duidelijk, aantrekkelijk, passend, maar vooral origineel logo voor een vervoersbedrijf laten ontwikkelen: ZONDER dubbele pijlen.

De weereld is een speeltooneel

 

Het is heel bijzonder om als publiek uit de 21e eeuw te ervaren hoe goed verschillende elementen uit de Nederlandse literatuur, architectuur, geschiedenis, politiek en religie op deze historische plek samenkomen.

 

Het Dylan hotel in Amsterdam heeft een oude Hollandse traditie nieuw leven ingeblazen: de jaarlijkse opvoering van de Gijsbreght van Aemstel. Dit bekende toneelstuk van Joost van den Vondel is vanaf de opening van de oorspronkelijke Amsterdamse schouwburg in 1637 tot in de jaren ’60 van de 20e eeuw ieder jaar opgevoerd. Eerst rond Kerst en later aan het begin van het nieuwe jaar. Een ongeëvenaarde reeks van ruim 375 jaar. En nu, ruim vijftig jaar later, is de draad weer opgepakt.

De reden waarom The Dylan dit culturele gebaar maakt heeft een historische achtergrond: de oorspronkelijk Amsterdamse schouwburg stond op de plek aan de Keizersgracht waar nu dit hotel is gevestigd. De schouwburg was een ontwerp van Jacob van Campen, die tien jaar later ook de bouwmeester zou worden van het Stadhuis van Amsterdam (tegenwoordig het Paleis op de Dam).  Helaas is de oude schouwburg door een brand in 1772 vrijwel geheel verwoest. Alleen de toegangspoort is nu nog te zien. Bovenaan de poort prijkt het woord ‘schouburg’, een term die door Joost van den Vondel zelf bedacht schijnt te zijn. Daaronder is een vaak geciteerde tekst van Van den Vondel aangebracht:

“De weereld is een speeltooneel,

elck speelt zyn rol en kryght zyn deel”

Opmerkelijk genoeg wordt deze bekende tekst van Vondel vaak verkeerd geciteerd en spreekt men over een ‘schouwtoneel’. De tekst op de Keizersgracht laat zien dat het toch echt speeltoneel moet zijn.

De overeenkomst van dit citaat van de bekende Nederlandse dichter en toneelschrijver met een citaat van de wereldberoemde Engelse schrijver William Shakespeare is opvallend. In het toneelstuk As You Like It komt de volgende passage voor:

“All the world’s a stage,

And all the men and women merely players;

They have their exits and their entrances,

And one man in his time plays many parts”

Er wordt wel vaker gewezen op de overeenkomsten tussen Shakespeare en Vondel en dit is zeker een opvallende.[1] Een andere opvallende Nederlands-Engelse parallel in dit opzicht is die tussen de woorden schouw en show. Beide hebben met theater en toneel te maken. Alleen verwijst het woord schouw naar de rol van het publiek (zien, aanschouwen) en show juist op de rol van de acteurs (laten zien, opvoeren).

Maar goed, laten we teruggaan naar de Gijsbreght. Deze legendarische heer van Amsterdam probeert zijn stad in de kerstperiode rond het jaar 1300 te beschermen tegen vijandige troepen uit Kennemerland en Waterland die wraak willen nemen voor de moord op graaf Floris de Vijfde. Gijsbreght zou met enkele anderen daarbij betrokken zijn geweest. Verstopt in een schip (genaamd ‘Het Zeepaert’; een Mokumse variant op het Paard van Troje) weten de belagers de stad binnen te dringen waar ze een enorm bloedbad aanrichten. Gijsbreght en zijn vrouw moeten vluchten en gaan als ballingen in Pruisen wonen. De engel Raphaël belooft hen dat de stad ooit weer tot grote bloei zal komen.

Joost van den Vondel draagt het stuk op aan Hugo de Groot die rond de tijd van de eerste opvoering als slachtoffer van een religieuze richtingenstrijd als balling in Parijs woont. Zo kiezen Vondel en het bestuur van de schouwburg met dit toneelstuk duidelijk partij en trekken ze een parallel tussen de situatie rond 1300 en de verhoudingen in de 17e eeuw. De schouwburg was daarbij een uitgelezen plek om de publieke opinie te beïnvloeden. En Vondel wist dat het publiek zou ervaren dat Raphaël gelijk had gekregen; Amsterdam beleefde op dat moment gouden tijden.

Op 6 januari van dit jaar bezochten mijn vrouw en ik de voorstelling in het Dylan hotel. Op levendige wijze nam theatergezelschap De Kwast ons mee terug in de tijd. Per scene werden we meegetroond naar een andere ruimte in het hotel. En als toegift en naspel werd een eigentijdse variant van De Bruiloft van Kloris en Roosje opgevoerd met een door de personages Thomasvaer en Pieternel uitgesproken nieuwjaarswens. Nog een traditie. We hebben enorm genoten van het spel, de entourage en de gastvrijheid van het Dylan hotel. Het is heel bijzonder om als publiek uit de 21e eeuw te ervaren hoe goed verschillende elementen uit de Nederlandse literatuur, architectuur, geschiedenis, politiek en religie op deze historische plek samenkomen.

Ik kan iedereen aanraden om begin 2020 deze voorstelling bij te wonen. Nog een jaartje wachten, maar dan krijg je wel wat. Het Dylan hotel wil graag doorgaan met deze jaarlijkse opvoering. Dat is opvallend in een tijd waarin veel mensen bang zijn dat tradities (Zwarte Piet, vuurwerk, Kerstvieringen) verdwijnen. Dit initiatief laat zien dat je ze ook kunt aanpassen en nieuw leven kunt inblazen. Het is ook opmerkelijk dat een hotel dat in buitenlandse handen is zoveel oog heeft voor Nederlands cultureel erfgoed. Toch heb ik een vermoeden hoe dat zit. De eigenaren komen uit Ierland en hebben het hotel vernoemd naar de grote dichter en toneel-/hoorspelschrijver Dylan Thomas uit Wales. Dat laat zien dat ze gevoel hebben voor cultuur en dat ze weten dat de wereld een speeltoneel is.

 

 

Voor deze tekst heb ik gebruik gemaakt van de volgende bronnen:

en niet te vergeten:

  • mijn schoonzoon Sam, al jarenlang een voortreffelijk gastheer in het Dylan hotel.

 

[1] Ook in het door Elvis Presley wereldberoemd geworden lied Are You Lonesome Tonight komt een verwijzing naar deze bekende passage voor: You know someone said that the world’s a stage and each must play a part.

Inhoudsopgave blogsite Phaestus 2014-2018

 

 

2014
Nr. Titel Onderwerp  
1 Een genuanceerde zwart-wit denker Machiavelli en Il Principe (De Vorst) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=24
2 Het schoolslagprincipe USP’s en onderscheidend vermogen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=40
3 Verantwoord Commercieel Samenwerken Hoe om te gaan met commerciële steun http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=235
4 Kiezen voor Europa (serie): Introductie Een serie in thema’s over de rol en plaats van de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=246
5 Kiezen voor Europa (serie): Proloog   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=248
6 Kiezen voor Europa (serie): Geografie   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=293
7 Kiezen voor Europa (serie): Geschiedenis   http://phaests.nl/phaestus.nl/?p=308
8 Kiezen voor Europa (serie): Economie   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=319
9 Kiezen voor Europa (serie): Cultuur   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=326
10 Kiezen voor Europa (serie): Politiek   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=332
11 Kiezen voor Europa (serie): Epiloog   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=337
12 Voir un ami pleurer De aanslag op het Joods Museum in Brussel http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1771
13 Hallo Jumbo! Jumbo, Magritte en Warhol. http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=275
14 COMpositie Kernbegrippen van professionele communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=345
15 Relaties en relevantie Waarom communiceren organisaties? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=357
16 Zijn en Hebben (Etre et avoir) in gedichten en films http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=366
17 Outlet Honden en bejaarden uitlaten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=376
18 Het ‘hoe’ van communicatie Strategie en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=381
19 Zwarte Zaterdag Vakantie ervaringen in Italië, zomer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=385
20 Dylan Tribute Concert in Concertgebouw (augustus) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=394
21 De koffiecorner Een student kiest een communicatiestrategie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=405
22 Zender en Ontvanger Hoogste tijd om dit begrippenpaar uit te zwaaien http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=410
23 Gerrit Kouwenaar Bij de dood van de dichter Gerrit Kouwenaar http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=427
24 Niets is wat het lijkt, of toch wel? Over het husselen van letters http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=438
25 De nieuwe landkaart van Europa Schuivende grenzen in Europa http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=446
26 Teveel reclame Kritiek op een kortzichtige opinie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=453
27 La Superba Het boek van Ilja Leonard Pfeijffer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=456
28 Burgemeester word wakker Burgemeester is ook media-commissaris http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=462
29 Doe effe normaal Campagne SNS slaat niet aan bij studenten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=468
30 Wanneer zeg je ‘Henk en Ingrid’… Welke naam zeg je eerst (bij stellen) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=477
31 Kleurenblind Doet huidskleur er toe bij blinden? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=486
32 Generatiekloof Student weet niet wie Lord Byron is http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=497
33 Strategie revisited Nogmaals: over communicatiestrategie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=502
34 In elke klas zit een Mariëlle Een stille studente die goed scoort in de praktijk http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=510
35 Stakkerdjes of Stakkertjes? Hoe spel je verkleinwoorden? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=516
36 De grootste hit van Dylan in NL Welke song is dat? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=523
37 The image as burden Tentoonstelling Marlene Dumas (over Identiteit en Imago) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=530

 

2015  
Nr. Titel Onderwerp  
38 Ben ik Charlie De aanslag op Charlie Hebdo http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=542
39 Ben ik Charlie (vervolg)   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=551
40 Richting, een naar voorzetsel Het gebruik van het woord richting http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=557
41 Nina Sophia Bij de geboorte van ons eerste kleinkind http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=562
42 Enigma en Dilemma Naar de film The Imitation Game met dochter Lisa http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=571
43 Februaristaking Stilstaan bij antisemitisme http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=576
44 Merknamen De herkomst van merknamen (boek van Riezebos) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=581
45 De vier elementen van communicatie Een koppeling tussen elementen en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=586
46 Hun strijd, onze strijd Vechten op vreemde bodem http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=595
47 Naast wie ga je zitten Observaties in het openbaar vervoer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=602
48 De stamhouder Het boek van Alexander Münninghoff http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=608
49 Grandes Lignes Parijs en de grote gebaren http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=614
50 Kennis-Houding-Gedrag Kanttekeningen bij deze communicatie-begrippen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=624
51 Norwegian Wood Haruki Murakami, The Beatles en Bob Dylan http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=639
52 Valt er wat te kiezen Verkiezingen voor het Europees Parlement http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=648
53 H.N. Werkman De druksels van Werkman http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=654
54 CommunicatieNU #2 De nieuwe verzamelbundel van Betteke van Ruler http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=669
55 Heimwee naar Max van der Stoel Herinneringen aan een oud-minister http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=677
56 Peeck & Op de Beeck Twee schrijvers, twee boeken; een vergelijking http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=684
57 Zuivere ketters De vervolging van de Katharen in Frankrijk http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=692
58 Zadelhoesjes en ander reclameleed Hoe goed te adverteren met zadelhoesjes http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=701
59 Ode aan mijn bril Dit jaar ben ik vijftig jaar brildragend http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=713
60 Organisaties en onderscheid Zelfpresentatie en ontwikkelingen op mediagebied http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=728
61 Pluk de dag De dichter Cees Buddingh’ http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=739
62 Offerfeest Wat wordt er gevierd tijdens het Offerfeest? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=754
63 Minder, minder, minder Een kwalitatieve afwijzing van andere mensen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=765
64 Afrikaanse vluchtelingen tussen wal en schip Wat doen de EU en de AU? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=772
65 Nog één keer naar Bob Dylan Concert in Carré (november 2015) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=782
66 Een prachtig spoor De bolwerken van Amsterdam (Rob van Reijn) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=793

 

 

2016  
Nr. Titel Onderwerp  
67 Suiker, een bitterzoet verhaal Cuba, plantages, Java, slavernij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=807
68 Waarom het toch even slikken is vandaag… Bij de dood van David Bowie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=826
69 Geven en Nemen of Delen Seks, intimiteit en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=836
70 Help, mijn dochter heeft een gymnasium-advies De voors en tegens van het gymnasium http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=846
71 Het Vegetarische Vrienden dilemma In hoeverre wil je je aan anderen aanpassen? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=856
72 Koop geen krant van je geboortedag Maar van de dag erna http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=863
73 Schoolcampus (V&D) Bij het faillissement van Vroom & Dreesmann http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=874
74 Judas, de regisseur van Pasen Het boek Judas van Amos Oz http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=892
75 Het Oekraïne-referendum deugt niet Het verkeerde middel bij deze problematiek http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=906
76 Mijn houvast-huis Het gele huis van Willink en mijn geboortehuis in Velp http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=920
77 9 mei: reden voor feest in Europa De feestdag van de Russen en van de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=931
78 Gastdocent in Litouwen Mijn ervaringen in Vilnius http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=939
79 Matthias Antonie Bij de geboorte van onze kleinzoon http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=953
80 Jan Vertoortelboom en het grote Vlaamse familieverhaal Het boek De verzonken jongen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=962
81 Een alternatief Nederlands elftal op het EK Buitenlandse spelers met een Nederlandse naam http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=967
82 Hello Goodbye Het Britse referendum over de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=986
83 Festival Mijn ervaringen op het North Sea Jazz festival http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=992
84 Je moet er wat voor over hebben Collecteren voor het Rode Kruis http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1000
85 Mooie kerk De gerestaureerde Sint Bavo basiliek in Haarlem http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1007

 

86 Geniet ervan! Het gebruik van de gebiedende wijs http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1024
87 Vruchtgebruik Waarom Apple Apple heet http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1033
88 Moedige stap van Edith Schippers Opmerkingen bij de Schoo-lezing van deze minister http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1048
89 Moussa en Meursault; rendez-vous met Albert Camus Het boek Moussa van Kamel Daoud als eigentijds vervolg op L’Etranger van Albert Camus http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1063
90 How does it feel? Bob Dylan krijgt de Nobelprijs voor literatuur http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1088
91 Olifantenpaadjes en ezelsbruggetjes Zetjes in de goede richting: hints en nudging http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1097
92 Sint Maarten Een verhaal over chocolade, voetbal, Holleeder en mantelzorg http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1116
93 Bij de dood van Leonard Cohen Een verhaal over Leonard Cohen, Cleopatra, Kavafis en Shakespeare http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1138
94 Mijn gewone, bijzondere moeder Het leven van mijn moeder, Hanna Lam http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1156

 

 

2017  
Nr. Titel Onderwerp  
95 Bijzonder Indonesië Reiservaringen op Java en Bali http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1178
96 Jonge dichters Tim Hofman, Hannah van Binsbergen, Esther Naomi Perquin http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1199
97 Mijn verjaardag op Facebook Gedachten over afstand en nabijheid http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1222
98 Ik weet nog niet wat ik ga stemmen De Tweede Kamer verkiezingen van 15 maart http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1237
99 Morgen naar de stembus Mijn keuze gemaakt http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1246
100 Oek de Jong en Ed van der Elsken De kracht van woorden en beelden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1258
101 Mijn zoon de gelukszoeker Mijn zoon Lucas gaat op Bali wonen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1273
102 Bipolaire politiek Zwart-wit keuzes bij verkiezingen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1286
103 Geef mij de grauwe, stedelijke wegen Parallellen tussen J.C. Bloem en Walt Whitman http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1300
104 Henk en Ingrid bij de Primark, Jelmer en Sophie bij het Van Gogh museum Dilemma’s tijdens de kabinetsformatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1306
105 Doe mee aan de migratie-quiz Standpunten van politieke partijen over migratie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1315
106 Papadag en vaderdag De misplaatse term Papadag http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1321
107 Het verhaal van Crystal Palace De link tussen Frank de Boer, Fjodor Dostojewski, Peter Sloterdijk en Samuel Sarphati http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1332
108 Dromen en drama’s in Verona Impressies van een bezoek aan Verona http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1355
109 Oogsten Tradities en de samenhang tussen natuur en cultuur. Boeken van Ger Groot en Erwin Mortier http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1374
110 1987-2017: 30 jaar communicatie-onderwijs Mijn jubileum als HBO communicatie-docent http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1389
111 K. Schippers passé? Ben je belazerd! De betekenis en relevantie van het werk van K. Schippers http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1422
112 Mondriaan als aansteker Hoe ik ooit een titel voor een Mondriaan- tentoonstelling bedacht http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1439
113 31 oktober: gaan we Hervormingsdag of Halloween vieren Oude en nieuwe feestdagen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1460
114 23 oeroude woorden De ontdekking van 23 eeuwenoude stamwoorden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1482
115 Onthaasten, ontspullen, ontbloten, ontzeuren Spelen met ont-werkwoorden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1511

 

 

2018  
Nr. Titel Onderwerp  
116 Reclame voor reclame Het etaleren van eigen onvermogen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1540

 

117 Nepnieuws is geen nieuws Gebruik en misbruik van de term nepnieuws http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1559

 

118 Wat heeft W.F. Hermans met Heineken en Holleeder te maken? Opmerkelijke parallellen tussen gebeurtenissen rondom deze drie mannen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1573

 

119 De mensen van Maastricht De aantrekkingskracht van deze stad en de rol van haar inwoners daarbij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1585

 

120 Gepakt door SuitSupply De twijfelachtige bedoelingen van SuitSupply bij haar nieuwste reclame-uitingen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1592

 

121 Het oermodel van communicatie (van Shannon & Weaver) is 70 jaar oud. Reden voor een feestje? Dit bekende model was anders bedoeld dan velen denken  

 

122 Leestip: Van Bach tot bacterie en terug Een pittig boek over taal, communicatie, bewustzijn en begrip http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1646

 

123 Balinese bruiloft Het huwelijk van Lucas en Santie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1655

 

124 Winterswijk In de voetsporen van Mondriaan en Komrij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1686

 

125 Huishoudtrapje Een ongelukkige valpartij met grote gevolgen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1705

 

126 Roman Jakobson en zijn inspirerende kijk op taal en communicatie Een taalkundige die ons veel inzichten biedt op het gebied van taal, taalfuncties en communicatie  
127 Wanneer houdt een letter op een letter te zijn De ontwikkeling van de letter E en de vele manieren waarop deze letter wordt afgebeeld http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1726

 

128 Jinte Maria Bij de geboorte van kleindochter Jinte http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1766

 

129 Vrouwelijke straatnamen Er moeten meer straten naar vrouwen worden vernoemd http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1777

 

130 I Amstlvn Het einde van de I Amsterdam letters en een opvallende reactie vanuit Amstelveen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1795

 

131 Madeira, van Christiani tot Cristiano Enkele observaties tijdens een heerlijke vakantieweek http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1809

 

132 Beeld en geluid Hoe ik een oud televisie-fragment van mijn vader vond http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1820

 

133 Vuilcontainer Een oude buurvrouw gaat verhuizen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1833

 

 

 

Vuilcontainer

 

 

Onlangs is er een vuilcontainer schuin tegenover ons huis geplaatst. Voor het hele geval, een grote ondergrondse bak met bovengronds een soort huisje voorzien van een grote klep, heeft de gemeente een paar struiken uit het buurtplantsoentje verwijderd. Alle buurtbewoner hebben een pasje gekregen om de klep van deze container te kunnen openen voor het deponeren van rest-afval. De grijze kliko-bak die ieder huishouden een paar jaar geleden heeft gekregen moet nu gebruikt gaan worden voor het zogenaamde PMD-afval: plastic, blik, melkpakken, etc.

Vanuit mijn studeerkamer heb ik er een nieuw schouwspel bij. Ik zie mijn buurtgenoten hannesen met pasjes die niet meteen willen werken, met afvalzakken die te groot zijn om in de muil te proppen, of met hun rollator die ze over de stoeprand tot aan de voet van de container proberen te rijden. De meest opmerkelijke afval-weggooier is een oude buurvrouw die een straat achter ons woont. Toen wij hier 30 jaar geleden kwamen wonen was ze een opvallende verschijning. Een elegante vrouw van middelbare leeftijd met rechte rug en ferme tred. Ze had iets voornaams. Ik heb haar al die jaren nooit uitgebreid gesproken. Niet meer dan een praatje bij de bakker of een ‘goedemorgen’ op de hoek van de straat.

En nu zie ik haar met grote regelmaat voorbijkomen, op weg naar de vuilcontainer. De kwieke dame van weleer is een oude vrouw geworden. Haar rug is krom en bij elke wankele stap leunt ze zwaar op haar witte paraplu die ze als wandelstok gebruikt. In haar andere hand draagt ze steevast een grote groene tas. Aangekomen bij de vuilcontainer zet ze de tas op de grond, vist ze met enige moeite het pasje uit haar jaszak en opent na enkele vergeefse pogingen de klep. Dan buigt ze zich moeizaam naar haar tas om met haar vrije hand datgene te pakken wat ze weg wil gooien. Het lijkt ieder keer een kleinigheid. Deze scene herhaalt zich meerdere keren per week. Dat ontdekte ik laatst toen ik een week vakantie had. Elke ochtend rond 10 uur scharrelde ze voorbij. Met haar onafscheidelijke witte paraplu en groene tas. Vaste prik.

Op een gegeven ochtend kon ik mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen. Toen ik haar weer een keer aan het einde van de straat de hoek om zag komen, liep ik de trap af, pakte ik de vuilniszak die ik al klaar had gezet in de gang, liep de deur uit en stak quasi nonchalant de straat over naar de afvalcontainer. Ik maakt de klep open en gooide mijn afval erin. Daarna bleef ik even wachten tot ook de oude dame bij de container was aangekomen. Als een galante buurman hield ik de klep voor haar open. Tot mijn grote verbazing zag ik dat er een paar boeken in haar groene tas lagen die ze met onvaste hand in de bak gooide. “Boeken?”, stamelde ik. Bijna wilde ik zeggen dat deze container daarvoor niet bestemd was, maar ze antwoordde direct met onverwacht heldere stem: “Ja, boeken. En ze vervolgde: “ik ben dol op boeken, maar ik moet er vanaf. Ik kan niet langer in dat grote huis van me blijven wonen. Ik kom de trap haast niet meer op. Over een paar maanden ga ik naar een verzorgingshuis, dus ik moet heel veel spulletjes kwijt.” Ik begreep het en had met haar te doen. “Zal ik een keer komen helpen”, bood ik aan, “dan kan ik in één keer met de auto een aantal dozen met boeken voor u weggooien bij het afvalstation van de gemeente”. “Dat is heel aardig, maar doet u geen moeite”, sprak ze beslist. “Ik wil alle boeken nog even een keer door mijn handen laten gaan. Deze boeken vertegenwoordigen mijn hele leven: kinderboeken, studieboeken, reisboeken, kookboeken, romans, noem maar op. Ze roepen bijzondere herinneringen bij me op. Ik vind het heerlijk om ze allemaal nog één keer vast te pakken voordat ik ze weg moet doen. En bovendien is dit dagelijkse ommetje goed voor me”.

Ik was verbaasd, maar knikte instemmend en zei dat ik ook van boeken hield. Wat zou ik later met al mijn boeken gaan doen, schoot er door mijn hoofd. Terwijl ik zo stond te mijmeren riep de oude buurvrouw met veel zwier in haar stem: “Nou, dag hoor”. Ik groette terug en zat 30 seconden later weer op mijn werkkamer. Ik klapte mijn laptop open en klikte een nieuwssite aan. Het eerste bericht dat ik zag was de top-10 van meest gevraagde Sinterklaas-cadeaus van dit jaar. Ik las dat boeken bovenaan het verlanglijstje van de gemiddelde Nederlander staan. Goed nieuws, dacht ik.  En dat zou mijn oude buurvrouw ongetwijfeld ook vinden.

Madeira, van Christiani tot Cristiano

 

En jawel, dat bleek allemaal waar. Het weekje Madeira was heerlijk en de beloften uit de reisgids werden waargemaakt. Toch heeft Madeira een groot minpunt, of eigenlijk twee. 

 

Tachtig jaar geleden verscheen het plaatje Zonnig Madeira van Eddy Christiani. Deze legendarische zanger en gitarist (die op dit nummer werd begeleid door John de Mol, de grootvader van de huidige media-tycoon) bezingt het eiland als een ‘aards paradijs’. Een liedje uit de oude doos. Lekker oubollig. Met een dwangrijmerig refreintje. Zo mogelijk nog oubolliger is het liedje ‘n Glaasje Madera, M’dear? van Ted de Braak, dat in 1965 verscheen. Door deze twee liedjes heb ik altijd het idee gehad dat Madeira een gedateerd eiland was. Iets voor bejaarde Britten met witte benen en malle hoedjes.

Toch overwon ik mijn terughoudendheid toen ik door een ongelukkige valpartij mijn zomervakantie moest afblazen en op zoek ging naar een bestemming om in de herfstvakantie de schade nog enigszins in te halen. Een weekje zon zou mij goed doen. En omdat ik nog aan het revalideren ben, zou een rustige omgeving heilzaam zijn. Zo viel de keuze op Madeira.

Ter voorbereiding schafte ik een reisgids aan. Zo’n handig klein gidsje dat nogal wat kromme zinnen bleek te bevatten; waarschijnlijk een haastige vertaling van een buitenlands reisboekje. Ik las dat dit Portugese bloemeneiland als een vulkanische bult oprijst uit de Atlantische Oceaan. Dat het eiland rond 1500 het centrum van de Europese suikerhandel was. Dat je er goed kunt wandelen. Dat de mensen vriendelijk zijn. Dat je er allerlei exotische vruchten aantreft. Dat de temperatuur het hele jaar door heel aangenaam is. Dat je beslist de Madeira-wijn moet proeven. Dat de luchthaven bestaat uit een korte strip vlak naast de oceaan en dat de piloot bij het landen flink in de remmen moet (wees daar op voorbereid!).

En jawel, dat bleek allemaal waar. Het weekje Madeira was heerlijk en de beloften uit de reisgids werden waargemaakt. Al waren sommige pittoreske dorpjes wat minder bezienswaardig dan werd voorgeschoteld. Je vroeg je soms af of een dorpje met wat rieten punthuisjes of een restaurant met een forellenkwekerij de moeite van een uitstapje waard was.

 

 

 

 

 

Maar niet getreurd. Het tempo lag laag en de zon was weldadig; daar ging het in deze vakantie om.

Toch heeft Madeira een groot minpunt, of eigenlijk twee. De hoofdstad Funchal is relatief groot en druk. Eenderde van de eilandbevolking woont in deze stad en de meeste toeristen strijken ook in Funchal neer. Langs de boulevard staan kasten van hotels en dat worden er gezien alle bouwactiviteiten alleen maar meer. Zo zie je in het centrum haast niets meer van de oceaan. Daarnaast leggen dagelijks grote cruiseschepen aan in de haven. Geen wonder dat het in het centrum van Funchal barst van de toeristen. Op de aangeprezen markt (een van de highlights van Madeira volgens de reisgids) is dit te merken. Drommen buitenlandse bezoekers schuifelen langs de kraampjes waar verkopers je schaamteloos een zak exotisch fruit proberen aan te smeren voor 25 euro per kilo.

Het andere minpunt is de alomtegenwoordigheid van CR7, oftewel Cristiano Ronaldo. Deze topvoetballer is in Funchal geboren en dat zullen we weten. De luchthaven draagt zijn naam, er zijn hotels met zijn naam, overal zijn Cristiano Ronaldo-souvenirs te koop en er is zelfs een heus museum aan hem gewijd. Voor dat museum staan een groot standbeeld met op kruishoogte en niet te missen bult die weinig verbloemt. Heel toepasselijk voor Madeira.

 

Als je een Ronaldo-fan bent, dan zit je hier goed, maar als je niets met die man hebt, dan is het wel erg vaak slikken. En ook vroeg ik me af hoe dat nou moet met die luchthaven, die hotels, die souvenirs en dat museum als hij veroordeeld wordt voor verkrachting in de zaak die door een Amerikaanse vrouw tegen hem is aangespannen. Heeft Madeira eindelijk een held waarmee het oubollige imago kan worden afgeschud, blijkt het een #MeToo-verdachte te zijn.

Wij beperkten ons bezoek aan Funchal tot één middag. We beleefden meer plezier aan de talrijke rustige, mooie plekken en streken die het eiland te bieden heeft.

Ook ons hotel, een half uur buiten Funchal was erg aangenaam. Van alle gemakken voorzien. Hoog op een rots met onbelemmerd uitzicht op de kustlijn, de oceaan en de heuvels rondom. Met een vriendelijk dorpje op loopafstand. Lekker rustig en een beetje kneuterig.

Wij waren in het hotel wel de buitenbeentjes. De gasten waren namelijk of wandelaars of yoga-adepten. Wij vielen buiten beide categorieën. De wandelaars vertrokken elke ochtend na het ontbijt in hun stoere Bever-outfits naar de bergen om pas tegen de avond moe maar voldaan terug te keren. De yoga-club bestond een dozijn Duitse dames onder leiding van een mannelijke instructeur. Elke namiddag kwam deze groep na een yoga-les in de lobby bijeen voor een gezamenlijke nazit. De leidsman schoof altijd als laatste aan met elke keer een andere vrouw aan zijn zijde. Zou deze man zich hebben laten inspireren door CR7? Het gaf ons in ieder geval veel stof tot speculeren. Dat deden we dan ook uitvoerig, onder het genot van een lekker glas Poncha en een wijdse blik op de oceaan.

Iedere avond daalden we van ons hotel af naar het dorpje om op een van de terrassen langs de boulevard aan te schuiven voor een heerlijk diner en te genieten van een prachtige zonsondergang.

Zo begon ik langzamerhand Eddy Christiani beter te begrijpen:

“Zonnig Madeira
Land van liefde en zon
Ik wou dat ik daarheen
Met jou reizen kon”.

 

(de foto van het standbeeld van CR is van saudadesdeportugal.nl ; alle overige foto’s zijn van eigen hand).

I Amstlvn

 

Het voorstel om de letters ‘I Amsterdam’ te gaan verwijderen uit de hoofdstad heeft tot veel ophef en discussie geleid. Het idee is afkomstig van de Amsterdamse raadsfractie van GroenLinks die iets wil doen tegen de grote toestroom van toeristen. Die zorgen zijn begrijpelijk, maar het is de vraag of het aanpakken van de zeer populaire I Amsterdam letters het juiste medicijn is. Ik waag het te betwijfelen. Vanuit mijn woonplaats Amstelveen kwam wel een heel bijzondere reactie.

 

Vijftien jaar geleden wilde Amsterdam zichzelf opnieuw op de kaart zetten en daarbij werd de slogan I Amsterdam bedacht. Die slogan bleek bij lancering trouwens niet geheel origineel, omdat er destijds al Boomerang-kaarten circuleerden met de tekst ‘I Amsterdammer’.

Deze kaarten waren ontworpen om opinieblad De Groene Amsterdammer te promoten. Na enig juridisch getouwtrek (en naar het schijnt een aardige afkoopsom voor de ontwerper van de Boomerang-kaart) mocht de term I Amsterdam alsnog gebruikt gaan worden. En dat is dan ook volop gebeurd. Op allerlei uitingen van de gemeente Amsterdam is de tekst terug te vinden. Van briefpapier en bekers tot posters en vlaggen.

Maar het meest in het oog springend zijn natuurlijk de grote letter-formaties die als quasi-artistieke objecten op enkele plaatsen in de stad zijn neergezet. De letters zijn een populair merkbeeld geworden en het merkbeeld een fotogeniek object. Zo werd slogan zelf een tastbare attractie. Een soort letter-hunebed waarop je (in tegenstelling tot de echte hunebedden in Drenthe) wel mag klimmen. Toeristen zijn er dol op. Met name bij de letters op het Museumplein staan drommen toeristen foto’s en selfies te maken. De droom van elke reclamemaker.

Maar het probleem schijnt te zijn dat er teveel toeristen naar Amsterdam komen. Het zijn er inmiddels meer dan 20 miljoen per jaar en dat aantal kan nog flink toenemen. Nu is het moeilijk te geloven dat die enorme groei veroorzaakt is door de slogan. Maar volgens de GroenLinks-critici staan de letters symbool voor het massatoerisme. Hier is dus letterlijk sprake van symboolpolitiek. Als Amsterdam echt wat tegen het massatoerisme wil doen, zou je verwachten dat de gemeente met plannen komt om Airbnb’s aan te pakken, de capaciteit van Schiphol te beperken of de bouw van hotels te stoppen. Dat laatste punt stip ik aan, omdat ik op mijn dagelijkse route naar mijn werk (van Amstelveen-Noord naar Diemen-Zuid) de afgelopen 20 maanden niet minder dan zes nieuwe, grote hotels heb zien verrijzen. Tel uit je winst.

En dan is er nog het argument dat de slogan voor individualisme staat. Ik denk dat de mensen van GroenLinks hiermee met name doelen op het Engels ‘I’, oftewel Ik. Het opvallende is dat juist de Ik hier gekoppeld wordt aan een groter geheel. Net als in uitdrukkingen als Je suis Charlie of Ich bin ein Berliner. Het is dus juist een verbindende slogan en niet iets individualistisch.

Wat mij betreft zou de meest bevredigende reden om te stoppen met de letters zijn dat het na 15 jaar tijd is voor iets anders. Daar zou je een mooie campagne aan kunnen koppelen met een oproep aan het publiek om met nieuwe, creatieve voorstellen te komen. Zo betrek je je inwoners erbij. Niet voor niets geeft de theorievorming over citymarketing aan dat de eigen burgers van een stad de basis vormen voor een goed promotiebeleid.

Mocht het dan zo ver komen dat de letters echt naar de schoothoop gaan, dan weet de VVD-fractie uit mijn woonplaats Amstelveen daar wel raad mee. Fractievoorzitter Kees Noomen stelde voor de letters in het Amstelveens Stadshart te plaatsen in ruil voor het kunstwerk Der Bogen van Armando. Zo’n bizar voorstel ben ik in tijden niet tegengekomen.

Der Bogen is inderdaad een omstreden kunstwerk en is in 2017 door de luisteraars van Radio 538 zelfs uitgeroepen tot lelijkste kunstwerk van Nederland. Maar het mooie van kunst is dat het lekker controversieel mag zijn. Dat moet het toch al zo brave Amstelveen juist koesteren. Daarnaast hebben we voor het stadshart van Amstelveen al een eigen woordmerk, namelijk Amstlvn.

Vast bedacht door iemand met een haperende ‘e‘ op zijn computer. Ik vind dat persoonlijk niet erg mooi, maar ik ga er niet om zeuren. Laten we daar als gemeente Amstelveen in ieder geval ook 15 jaar aan vasthouden. Ten slotte vind ik het van weinig gevoel voor eigenwaarde getuigen als je de slogan van een buurgemeente in je eigen centrum wil plaatsen. Ik had van de lokale VVD in Amstelveen wat meer assertiviteit verwacht.

Het VVD-voorstel doet me denken aan een bericht van enige tijd geleden over het ziekenhuis in Amstelveen dat overwoog om van een van de verloskamers Amsterdams grondgebied te maken. De reden was dat veel zwangere vrouwen uit Amsterdam rondom de bevalling niet terecht konden in een van de hoofdstedelijke ziekenhuizen en daarom moesten uitwijken naar Amstelveen. Maar de jonge ouders vonden het heel vervelend dat hun kind dan Amstelveen als geboorteplaats kreeg. Op sociale media schreef een moeder zelfs: ‘Amstelveen, daar wil je toch niet dood gevonden worden’. Ik moest daar om lachen, omdat veel Amsterdammers op Zorgvlied begraven willen worden en daarbij kennelijk vergeten dat die begraafplaats ook Amstelveens grondgebied is.

Het wapen van Amstelveen bij de ingang van Zorgvlied

Ik zou de gemeente Amstelveen en zeker de lokale VVD-fractie het volgende advies willen geven: wees zelfbewust, vertel je eigen verhaal, laat Der Bogen lekker staan en geef al de Amsterdamse baby’s die in Amstelveen geboren worden een rompertje met de tekst ‘gborn in Amstlvn’.

 

Geraadpleegde bronnen:

https://blog.iusmentis.com/2007/07/20/i-ambtenaar-vs-i-amsterdam-auteursrecht-en-merkenconflict/

https://www.amstelveenz.nl/nieuws/vvd-raadslid-wil-der-bogen-ruilen-voor-i-amsterdam-letters.html

https://nos.nl/artikel/2154761-amstelveense-verloskamer-moet-amsterdams-grondgebied-worden.html