Categoriearchief: Politiek & maatschappij

De coach in het onderwijs: samen onderweg

 

De coach is in opmars. In steeds meer sectoren van de samenleving kom je coaches tegen. Zij werken in dienst van organisaties en ook als zelfstandig ondernemer: opvoed-coaches, loopbaan-coaches, opruim-coaches, burn out-coaches, fitness-coaches, relatie-coaches, taal-coaches, voeding-coaches, lifestyle-coaches, noem maar op.

Iedereen kan zich coach noemen; het is geen beschermd, gecertificeerd beroep. Dat zou kunnen verklaren waarom er zoveel coaches zijn. Daarnaast denk ik dat het ook te maken heeft met veranderingen in de samenleving. Vroeger luisterden we naar mensen met autoriteit die ons vertelden hoe de wereld in elkaar zat en wat wij moesten doen. Tegenwoordig worden we geacht allemaal zelf de regie te nemen over ons bestaan. Dat is aan de ene kant bevrijdend, maar aan de andere kant kunnen we het niet altijd helemaal zelf en hebben we af en toe steun en begeleiding nodig. Daar komt bij dat we in deze digitale tijd beschikken over een stortvloed aan informatie waar we ook wegwijs uit moeten worden: waar te beginnen en wat te geloven? Geen wonder dat we van tijd tot tijd bij een coach aankloppen.

Geheel in die trend zie ik ook op mijn hogeschool de aandacht voor coaching toenemen. Docenten worden steeds meer als coach gezien. Frontaal, klassikaal lesgeven komt nog maar weinig voor. De studenten dienen zelf hun leerdoelen op te stellen en hun leervragen te formuleren en wij, de docenten, coachen hen daarbij. Meer begeleiden dan leiden, dus. In de klas geen traditionele bus-opstelling, maar tafelgroepjes. De ruimtes bij voorkeur omgetoverd tot creatieve ‘labs’.

 

Een Engelse coach is een bus

Wat ik in verband met het woord ‘bus-opstelling’ dan weer aardig vind, is dat het woord ‘coach’ in Engelstalige landen oorspronkelijk werd gebruikt voor koetsen en bussen. Ik ontdekte dat in mijn studententijd toen ik een bijbaan had als reisleider. Wanneer ik door Engeland en Schotland reisde, spraken mijn Britse chauffeurs niet over hun bus, maar over hun coach.

Jaren later leverde deze betekenis nog een anekdote op. Ik was, inmiddels werkzaam als hogeschool-docent, met een groep vierdejaars studenten op studiereis in Engeland. Op een gegeven moment reden we met onze bus langs een tankstation. Bij de oprit stond een groot bord waarop in koeienletters stond: NO SOCCER COACHES. Een student die voorin zat vroeg vol verbazing aan de Engelse chauffeur waarom hier geen voetbaltrainers mochten komen. De goede man reed bijna van het lachen de berm in. Proestend maakte hij de student duidelijk dat het betekende dat er geen bussen met voetbalsupporters mochten stoppen. Ze hadden daar geen zin in busladingen dronken hooligans.

 

Studiereizen

Die studiereis naar Engeland was trouwens de eerste in een lange reeks. Ik ben de jaren daarna nog met studenten naar Berlijn en Praag geweest. Weer later heb ik met een paar collega’s vele trips naar de EU-instellingen in Brussel georganiseerd met af en toe een uitstapje naar Straatsburg. En de laatste jaren bezoek ik met internationale studenten juist Nederlandse steden.

 

 

 

Als ik studenten aan het einde van hun studie spreek (bijvoorbeeld bij een diploma-uitreiking) of na de studie nog eens ontmoet, beginnen ze vaak over de studiereis. Meestal met een grote glimlach op het gezicht. Niet omdat ze nog precies weten wat ze gezien en geleerd hebben, maar vooral omdat er wat bijzonders gebeurde: een mix van leerzaam, plezier, samen op stap, avontuur. Dat is hen bijgebleven.

Dit bleek ook weer toen ik een paar weken geleden een bijzondere uitnodiging kreeg om aan te schuiven bij een mini-reünie van oud-studenten die 30 jaar geleden samen aan de studie op mijn hogeschool waren begonnen.[1] Het was een heel gezellig weerzien op een zonnig Haarlems terras. Er kwamen allerlei verhalen en namen uit het verleden voorbij. En ook de studietrip van destijds werd uitvoerig gememoreerd.

 

Etymologie

Het Engelse woord coach is verwant aan ons woord koets. Beide woorden stammen volgens meerdere etymologische bronnen[2] af van de Hongaarse plaatsnaam Kocs. Kocs was een vervoersknooppunt waar rijtuigen werden gebouwd en gerepareerd. Die koetsen kregen de naam van de stad mee en die naam werd in veel talen de algemene aanduiding voor rijtuigen die door paarden werden voortgetrokken: koets, Kutsche, coach. Voor de Engelsen was het een kleine stap om later hun gemotoriseerde bussen ook coach te noemen. Met de komst van motorvoertuigen werd wel vaker verwezen naar oudere typen koetsen uit bepaalde steden of regio’s: denk aan benamingen als sedan en limousine. Paard-en-wagen termen klinkt ook nu nog door in woorden als carrosserie en paardenkracht.

Het stadswapen van Kocs (met een kleine koets erin)

Hoe kan het dan dat men in Engeland ook bepaalde mensen coach ging noemen? In diezelfde etymologische bronnen is te vinden dat aan het begin van de 19e eeuw op Engelse universiteiten het woord coach ook werd gebruikt voor tutoren die (zwakkere) studenten hielpen om hun tentamens te halen. Men redeneerde dat een goede begeleider je van A naar B kan brengen, zoals een koets/bus dat ook doet. Zo werd het woord coach niet alleen een aanduiding voor een voertuig, maar ook voor een ‘voerman’: een begeleider, een trainer. Later in de negentiende eeuw raakte de term coach met name ingeburgerd in de sportwereld. Dat is tot op de dag van vandaag zo gebleven. En, zoals gezegd, tegenwoordig wordt de term coach in een brede waaier van professies en bezigheden gebruikt.

 

Terug naar het onderwijs

Als ik kijk naar mijn werkomgeving (het hoger beroepsonderwijs) begrijp ik die aandacht voor coaching goed, maar ik ervaar ook knelpunten en beperkingen. Niet elke student weet zijn zelfverantwoordelijke rol te pakken; vooral beginnende studenten hebben soms geen idee wat ze moeten doen. Vaak is sturing, instructie of kennisoverdracht onontbeerlijk. Docenten zijn niet alleen begeleiders, maar ook curriculum-ontwerpers, vakdeskundigen, kwaliteitsbewakers en regisseurs van leerprocessen. Bovendien ben je als docent ook beoordelaar. Je bent niet alleen aan het coachen en feedback aan het geven, maar je deelt ook voldoendes en onvoldoendes uit, met de vooraf vastgestelde eindkwalificaties van de opleiding als referentiepunt. Als je docenten alleen ziet als coaches, raken die andere belangrijke aspecten van het docentschap onderbelicht. Coaching is een zinvol onderdeel van het docenten-vak en het is goed dat hier aandacht aan wordt besteed, maar een goede docent is meer dan alleen een coach.

 

De busreis als metafoor

Wat mij betreft noemen we een docent gewoon ‘docent’, met alle bijbehorende aspecten en rollen die dat vak met zich meebrengt. Maar de coach hoeft niet uit het onderwijs te verdwijnen. Dan doel ik op de oorspronkelijke betekenis: bus. Gezien de positieve ervaringen van mijn studenten (en van mezelf) met studiereizen lijkt het me een aardig idee om een opleiding op te vatten als een gezamenlijke busreis. Je bent samen (reisgezelschap en reisleiding) met de bus onderweg. Het studieprogramma als het reisprogramma. Het eindniveau als eindbestemming. De route kan strak gepland, maar ook losser zijn. Er kunnen gemeenschappelijke en individuele uitstapjes worden gemaakt. Maar het principe blijft wel: samen onderweg zijn. Als je samen ervaringen opdoet en samen leert versterkt dat de sociale, emotionele en cognitieve vaardigheden.

In nieuwe vormen van onderwijs staat de persoonlijke leerervaring steeds meer op de voorgrond. Daar is wat voor te zeggen; eenheidsworst is niet heel smakelijk. Maar volledig geïndividualiseerd leren werkt niet op een school. In reistermen: backpacken en zelf rondzwerven kan ook erg leuk en leerzaam zijn, maar dat is een ander soort reis. Onderwijs op scholen kent nu eenmaal een gemeenschappelijk inhoudelijk en didactisch kader. Het is de kunst om daar een uitdagend, onderscheidend kader van te maken, dat leerzaam en plezierig is. Dat voldoende houvast biedt, zonder te knellen. Dat ruimte biedt aan gedeelde ervaringen en aan individuele ontplooiing. Juist nu er meer online wordt gestudeerd en er op het internet veel en goed lesmateriaal is te vinden, is het aan scholen en opleidingen om extra hun best doen om een aantrekkelijke, fysieke ontmoetingsplaats te zijn waar je met elkaar meer kunt beleven dan wanneer je alleen op je zolderkamer of in de bibliotheek zit. Een boeiend reisprogramma, dus. Met een goed reisgezelschap. En een comfortabele bus.

 

 

[1] Die studie heette Voorlichting, Publiciteit  Informatie (VP&I). Dat was een zogenaamde vrije studierichting; een voorloper van onze huidige HBO Communicatie opleiding.

[2] Zie o.a. https://etymologiebank.nl/trefwoord/coach ; https://en.wiktionary.org/wiki/coach

Bij het graf van Albert Camus

 

We hoopten dat we deze zomer onze zoon en schoondochter op Bali konden bezoeken, maar dat bleek door alle coronabeperkingen niet mogelijk. Omdat we er toch graag even tussenuit wilden, kozen we voor een bestemming dichter bij huis: Frankrijk. Altijd goed. Het was al eind juni en het vinden van een aardig vakantiehuisje was lastiger dan we dachten. Veel huisjes die wij leuk vonden waren niet meer beschikbaar.

Uiteindelijk vonden we een mooie ‘gite’ in de Provence. Toen ik de locatie opzocht op de kaart zag ik dat het maar een half uurtje verwijderd was van Lourmarin. “Dan kunnen we ook even naar het graf van Albert Camus”, riep ik enthousiast. Ik had ooit gelezen dat deze beroemde schrijver daar begraven lag.[1] Mijn vrouw kent mij en mijn merkwaardigheden al langer dan vandaag en begreep dat hier geen ontkomen aan zou zijn. Ik had haar op eerdere vakanties al meegetroond naar de graven van Jimi Hendrix bij Seattle, Olof Palme in Stockholm en Leonardo da Vinci in Amboise. Ik beschouw mezelf niet als een devote pelgrim of een dweepzieke fan die alles ervoor overheeft om de laatste rustplaats van een beroemdheid te bezoeken, maar als we toch in de buurt zijn, vind ik zo’n uitstapje zeker de moeite waard. Voorwaarde is wel dat de persoon in kwestie mij op een bepaalde manier geraakt heeft; betekenis voor me heeft.

Dat heeft Albert Camus zeker. Op de middelbare school maakte ik met hem kennis en sindsdien heeft zijn gedachtewereld me niet meer losgelaten. Hij inspireerde me met zijn boeken over de absurditeit van het bestaan en het belang van het maken van keuzes. Een jaar of acht geleden herlas ik de Mythe van Sisyphus in een nieuwe vertaling. Met de beroemde zin: ‘we moeten ons Sisyphus als een gelukkig mens voorstellen’. Vijf jaar geleden werd ik getroffen door het boek Moussa van de Algerijnse schrijver Kamel Daoud. Daoud geeft in zijn roman de anonieme vermoorde Arabier uit het boek L’Etranger van Camus een identiteit en een gezicht. Aansluitend las ik ook L’Etranger opnieuw.[2] En vorig jaar haalde ik De Pest uit de boekenkast. Net als zoveel anderen in corona-tijd las ik dit beroemde boek van Camus dat zo’n indringend beeld geeft van een samenleving die getroffen wordt door een pandemie. Tijdens het lezen kwam ik nog een dubbelgevouwen proefwerkblaadje van de middelbare school tegen dat ik destijds als boekenlegger had gebruikt. De vele parallellen tussen het verhaal van Camus en de actuele ontwikkelingen in de corona-samenleving laten zien dat dit boek niets aan zeggingskracht heeft ingeboet.

Lourmarin

Kortom, voldoende reden om naar Lourmarin te rijden. Bovendien is een ritje van 25 minuten door de zonovergoten lavendel-velden van de Provence geen straf. Vooraf had ik gelezen dat Camus genoeg had gekregen van het drukke, veeleisende Parijs. Het rustige en rustieke Lourmarin deed hem qua temperatuur en temperament aan zijn jeugd in Noord-Afrika denken. Camus hoorde als scholier enthousiaste verhalen over Lourmarin van Jean Grenier, zijn docent filosofie aan het lyceum in Algiers. Na de Tweede Wereldoorlog verbleef Camus langere tijd in het fraaie chateau van Lourmarin dat plaats bood aan schrijvers, schilders en andere kunstenaars. In die periode werd hij verliefd op de stad en de omliggende Lubéron-regio.

Toen hij in 1957 de Nobelprijs voor de literatuur ontving kon hij van het prijzengeld een mooi huis in Lourmarin kopen. Hij heeft er niet lang van kunnen genieten want in januari 1960 kwam hij op 46-jarige leeftijd om het leven bij een auto-ongeluk. Hij zat naast zijn uitgever Gallimard die de auto bestuurde. Ook Gallimard bezweek een paar dagen later aan zijn verwondingen.

De spelers van het lokale voetbalteam droegen Camus naar zijn laatste rustplaats. Een eerbetoon aan de schrijver die hen steeds fanatiek had gesteund en voor het hele team nieuwe sportkleding had gekocht.

 

 

 

 

Bij de ingang van de plaatselijke begraafplaats zien we een bord met een plattegrond waarop duidelijk staat aangegeven waar het graf van Camus zich bevindt. Geen overbodige luxe, want het is bepaald geen praalgraf. Het bescheiden graf is door planten overwoekerd. Bovenop ligt een grote ruwe natuursteen waarin de naam van de schrijver en zijn geboorte- en sterftejaar zijn gekerfd. Aan de voet van het graf liggen tussen de sprieten van plantjes en onkruid enkele door bezoekers achtergelaten spullen: pennen, sigaretten, vrolijk gekleurde steentjes en strookjes papier met onleesbare teksten.

Ik sta met lege handen; geen behoefte om bloemen of prullaria achter te laten. Gewoon even op deze plek zijn. Ik neem het moment en de plaats goed in me op. Hier ligt een groot schrijver. Een man die mij aan het denken heeft gezet. Ik vraag me opeens af of hij zichzelf tijdens die twee jaar in Lourmarin ook als een gelukkig mens heeft voorgesteld.

Bij het verlaten van de begraafplaats valt mijn oog op een mededeling naast de plattegrond.

Er staat dat de begraafplaats wordt onderhouden zonder gebruik te maken van pesticiden. Dat zal de auteur van La Peste geruststellen.

 

 

[1 ] 

Er bestaat ook een gedicht over de laatste rustplaats van Albert Camus: ‘Bij een graf in Lourmarin’ tegen, geschreven door Huub Beurskens. Ik kwam dit gedicht toevallig in een boek tegen; vlak voor ons vertrek naar Frankrijk.

[2] Ik schreef een paar jaar geleden over deze twee boeken een blogtekst: http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1063

 

 

Een inwoner van Bulgarije is een Bulgaar, maar iemand uit Algerije is geen Algeer

 

Een luchtig zomer-blog en wellicht een aardig tijdverdrijf.

Na ruim een jaar van corona-beperkingen gaan de grenzen langzamerhand weer open. De zomervakantie staat voor de deur en we mogen voorzichtig plannen gaan maken om op reis te gaan. Hoewel veel mensen voor de zekerheid in Nederland blijven, lonkt voor anderen het buitenland. Eindelijk weer naar de Spaanse zon, de Griekse eilanden of la douce France. Het betekent ook een hernieuwde kennismaking met de inwoners van die landen. Daar wil ik in dit blog eens nader bij stil staan.

Ik raad iedereen aan om eens te letten op de aanduidingen van de inwoners van al die landen. Een leuk tijdverdrijf voor de verloren momentjes tijdens de vakantie. Een voorbeeld: iemand uit Hongarije noemen we een Hongaar. Daar lijkt een bepaalde logica in te zitten als je het vergelijkt met iemand uit Bulgarije: dat is een Bulgaar. Maar als je naar andere landen kijkt die ook eindigen op ‘-rije’ verdwijnt die logica al snel. Een inwoner van Algerije is namelijk geen Algeer, maar een Algerijn.

Zo zijn er meer ongerijmdheden:

We zeggen wel… Maar we zeggen niet…
Engeland – Engelsen Nederland – Nedersen
Pakistan – Pakistanen Afghanistan – Afghanistanen
Roemenië – Roemenen Armenië – Armenen
Brazilië – Brazilianen Namibië – Namibianen
Iran – Iraniërs Irak – Irakiërs
Georgië – Georgiërs Tsjechië – Tsjechiërs
Chili – Chilenen Mali – Malenen
Albanië – Albanezen Mauretanië – Mauretanezen
India – Indiërs Kenia – Keniërs
Senegal-Senegalezen Portugal-Portugalezen

 

Een andere interessante categorie is die van vrouwelijke inwoners. Over het algemeen komen de vrouwen er bekaaid vanaf. Hun aanduiding is meestal die van de man met als toevoeging: -se. Dus een Deen en een Deense, een Italiaan en een Italiaanse. Vrouwelijke inwoners worden aangeduid met een soort bijvoeglijk naamwoord. Er zijn een paar uitzonderingen. Een vrouw uit Rusland is een Russin en een vrouw uit Egypte heet niet een Egyptenaarse, maar een Egyptische. De mooiste uitzondering is weggelegd voor vrouwen uit Frankrijk. Zij mogen zich gelukkig prijzen met een unieke  aanduiding: Française.

Dan zijn er nog een paar landen waarvan de inwoners dezelfde naam hebben als het land zelf: Zweden en Polen.

En ten slotte zijn er inwoners van wie de naam een anagram is van inwoners van een ander land: Balinees en Libanees.

 

Dit was zo maar een greep van bijzonderheden rondom de namen van landen en hun inwoners.

Ik hoop dat iedereen gaat genieten van de zomer en de ruimte die er weer is. En wie weet dat je op je terras of op je ligstoel tot nog meer mooie vondsten rondom dit thema weet te komen. Ik hou me aanbevolen voor aanvullende voorbeelden!

Bob Dylan 80 jaar!

 

Bob Dylan wordt morgen, op 24 mei, 80 jaar. Dat is voor mij, als Dylan-fan, iets om stil bij te staan. Ik zal niet de enige zijn. Ik lees nu al dat er speciale radio-uitzendingen worden voorbereid en ook in de kranten en op social media zie ik allerlei verhalen naar aanleiding van zijn aanstaande verjaardag verschijnen.

Er zal ongetwijfeld over de grote betekenis van Dylan worden gesproken. En terecht. Als er over 200 jaar een film gemaakt zou worden over de geschiedenis van de westerse wereld tussen 1960 en 2020 zou de muziek van Bob Dylan zich bij uitstek lenen voor de soundtrack. Zijn betekenisvolle teksten benoemen de grote vraagstukken van deze decennia, maar ook het kleine persoonlijke lief en leed. Dylan’s melodieën bouwen voort op de vele muziekstromingen die Amerika heeft voortgebracht en zetten de toon voor vele navolgers. Hij is de rondreizende troubadour en levende klankkast van deze tijd.

Die 60 jaar beslaan ook mijn gehele leven. Geen andere songwriter en muzikant is in al die jaren zo aanwezig geweest als Bob Dylan. Hij was er toen ik naar de middelbare school ging en hij was er toen ik opa werd. Dat is bijzonder. Daarom wil ik op deze plek enkele persoonlijke ervaringen en beschouwingen delen. Het leek me aanvankelijk een goed idee om 80 korte stukjes te schrijven. Maar bij nader inzien is dat toch wat teveel van het goede. Zowel voor mezelf als voor de lezer.

Daarom een wat meer bescheiden selectie, een tiental korte Dylan-verhalen.

  1. Die eerste langspeelplaat die ik ooit kocht was een Bob Dylan Greatest Hits album. Vijftig jaar geleden. Ik was dertien en Dylan dertig. Dertig jaar en dan al een Greatest Hits album. Hij had toen al 10 LP’s gemaakt. Ik zat in de brugklas in Zutphen. Ik weet niet meer precies waarom ik deze LP kocht. Hij kostte me een rib uit mijn brugpieper-lijf, dus het zal een weloverwogen keuze zijn geweest. Een bewijs dat zijn muziek me toen al aansprak.
  2. Bob Dylan heet eigenlijk Robert Allan Zimmerman. Ik had een keer als reisleider (lang geleden) een Amerikaanse mevrouw in mijn groep die ook Zimmerman heette. Ik vroeg of ze familie was van Bob Dylan. Ze keek me met grote vraag-ogen aan. Ze wist niet dat ze een naamgenoot van Bob Dylan was.
  3. Dylan Thomas was een schrijver uit Wales. Zijn voornaam werd de artiesten-achternaam van Bob. Uit bewondering voor de schrijver. In de film Dangerous Minds speelt Michelle Pfeiffer een lerares in een achterstandswijk die haar leerlingen kennis leert maken met het werk van beide Dylans. Thomas schreef het prachtige gedicht ‘Do not go gently into that good night’. voor zijn stervende vader. Met de krachtige, steeds terugkerende zin: Rage, rage against the dying of the light. Zou Bob Dylan zich door deze zin hebben laten inspireren? Hij blijft maar nieuwe muziek maken en optreden. Zijn sinds 1988 voortdurende ‘tournee’ heet niet voor niets Never Ending Tour.
  4. Over nieuwe muziek gesproken. In 2020 bracht Bob Dylan zijn 39e studie album uit: Rough and rowdy ways. Het album werd heel goed ontvangen. Met Murder most foul, de laatste en langste track (Dylan’s langste song ooit; bijna 17 minuten) van dit album, scoorde Dylan opmerkelijk genoeg zijn eerste Amerikaanse nummer 1 hit. Het lied begint met de moord op president John F. Kennedy in 1963 en eindigt met een lange opsomming van door Dylan bewonderde songs en popmuzikanten. Zo is dit lied zowel een sociaal-historische beschouwing als een bloemlezing uit The Great American Songbook.
  5. Dylan grossiert niet in nummer 1 hits. Je zou gezien zijn statuur denken dat dit wel zo is, maar dat is dus niet het geval. Ook in Nederland stond hij maar één keer bovenaan de hitlijsten. Niet voor één van zijn wereldberoemde songs maar voor een instrumentaal niemendalletje: WigWam. Ik schreef hier een paar jaar geleden  een blog over: http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=523 
  6. Bob Dylan is geen toegankelijke artiest. Ik heb meerdere concerten van hem bijgewoond. Hij zegt geen boe of bah tegen het publiek, maar begint gewoon te spelen en houdt er op een gegeven moment mee op. Geen ‘Hello Holland’, of ‘Thank you’ kan er vanaf. Ook vertelt hij zelden iets tussen de nummers door. Hij oogt nurks en sociaal onhandig. Die wat stuntelige houding zie je bijvoorbeeld ook in deze video uit 2012 waarin hij van president Obama de Medal of Freedom award ontvangt. https://edition.cnn.com/videos/us/2016/10/13/obama-presents-bob-dylan-medal-of-freedom.cnn .
  7. Een andere groot blijk van waardering: in 2016 werd aan Bob Dylan de Nobelprijs voor Literatuur toegekend. Hij kreeg deze onderscheiding voor ‘het scheppen van nieuwe vormen van poëzie in de grote Amerikaanse liedtraditie’. Geen onomstreden toekenning, want volgens critici behoort deze prijs toe aan schrijvers van een omvangrijk boeken-oeuvre en niet aan een liedjesschrijver. Dylan liet na een paar weken stilte uiteindelijk weten de prijs te accepteren. Dat deed hij niet persoonlijk, omdat hij wegens andere verplichtingen (optredens in het kader van zijn Never Ending Tour) geen kans zag om naar Stockholm af te reizen. Zangeres Patti Smith nam de honneurs voor hem waar en vertolkte bij de plechtigheid het bekende Dylan-nummer A hard rain’s a-gonna fall. Ze werd hierbij zo overvallen door zenuwen dat ze halverwege het lied stopte met zingen om vervolgens, aangemoedigd door het welwillende publiek, opnieuw in te zetten. Zie: https://www.youtube.com/watch?v=941PHEJHCwU .
  8. Mijn schoonzoon is manager bij het Dylan hotel in Amsterdam. Het gebouw is gevestigd op de plek waar de eerste schouwburg van Amsterdam heeft gestaan, gebouwd door Jacob van Kampen. Er zijn nog enkele restanten van de oorspronkelijke schouwburg te zien.  Een jaar geleden besprak ik met mijn schoonzoon het idee om in 2021 ter gelegenheid van Dylan’s 80e verjaardag een speciale avond in het Dylan hotel te organiseren. Met songs van Bob Dylan en gedichten van Dylan Thomas. Dylan-Dylan-Dylan. Helaas heeft Covid-19 roet in het eten gegooid. Misschien volgend jaar?
  9. In 2015 verscheen een Nederlandse dichtbundel die geheel gewijd was aan Bob Dylan. Ter ere van het feit dat 50 jaar daarvoor het legendarische album Highway 61 revisited was uitgekomen met o.a. het nummer Like a rolling stone. Vandaar de weinig vindingrijke titel van de bundel: Als een zwerfkei. In de bundel staan bijdragen van bijna 80 Nederlandse en Vlaamse dichters die ieder op eigen wijze aangeven wat Dylan voor hen betekent. Het is een bonte verzameling van liefdesverklaringen, satirische teksten en poëtische overpeinzingen. Vrijwel zonder uitzondering met verwijzingen naar Dylan-songs. Een leuk puzzelboek voor de liefhebber: welk lied bedoelt schrijver X in regel Y? Benno Barnard vat mijn gevoel over de betekenis van Dylan treffend samen met de woorden: “je hebt zoveel stemmen: je bent een nasale eenmansmenigte van ons aller denken, protesteren, verlangen, geboren worden.”

En ten slotte nummer 10:

Vijf jaar geleden, op 24 mei 2016, werd Bob Dylan 75 jaar. Ik kan me die dag nog goed herinneren. Niet vanwege Dylan, maar omdat ik die ochtend een belangrijk telefoontje kreeg. Het was mijn zoon Lennart die me vertelde dat hij een zoon had gekregen. Groot geluk. Mijn blue eyed son was vader geworden van een blue eyed son. Morgen wordt Matthias 5 jaar!

 

Wat Europa kan leren van de Habsburgers

 

Ik heb met veel interesse het boek Beter wordt het niet van Caroline de Gruyter gelezen. Het boek gaat over het Habsburgse Rijk en de vele parallellen tussen dit historische rijk en de hedendaagse Europese Unie.[1] Caroline de Gruyter schrijft al jarenlang voor diverse media over Europa en de EU. Ik lees haar werk graag. Ze heeft veel kennis van zaken en bezit een plezierige schrijfstijl.

De Gruyter heeft jarenlang in Brussel gewoond totdat ze een aantal jaren geleden naar Wenen verhuisde. Het trof haar dat in deze stad, en ook elders in Oostenrijk, de nalatenschap van het Habsburgse Rijk nog zo tastbaar en voelbaar aanwezig is. Dat heeft haar aangezet om zich nader in de geschiedenis van de Habsburgers te verdiepen. Daarbij stuitte ze op meerdere opvallende overeenkomsten tussen het toenmalige Habsburgse Rijk en de huidige EU die ze zo goed kent vanuit haar Brusselse periode.

Voor mij is het een interessant boek, omdat ik me de afgelopen 20 jaar heb verdiept in het proces van Europees eenwording. Ik heb jarenlang studiereizen naar Brussel georganiseerd en ook een proefschrift geschreven over media-berichtgeving over de EU en de invloed daarvan op de publieke opinie in een aantal EU-lidstaten.[2] Dit boek is in die zin een mooie aanwinst voor mijn EU-leesplank. Maar ook de Habsburgse kant van het verhaal heeft mijn aandacht getrokken. Ik maakte namelijk al lang voordat ik me met ‘Brussel’ ging bezighouden uitgebreid kennis met de Habsburgers.

Ik was een jaar of twintig en via mijn broer kwam ik in contact met een Amerikaans reisorganisatie die Europese tours organiseerde. Omdat de eigenaren Nederlandse roots en connecties hadden werd er met KLM gevlogen. Bijna elke reis begon en eindigde op Schiphol. Geen wonder dat er Nederlandse gidsen werden geworven en op voorspraak van mijn broer, die al enige ervaring had opgedaan, kon ik ook aan de slag als ‘tour manager’.

In totaal heb ik in mijn studententijd circa 15 reizen geleid. De standaard trip duurde twee weken en had de volgende ‘itinerary’: Amsterdam-Keulen-München-Wenen-Salzburg[3]-Innsbruck-Luzern-Nancy-Brussel-Amsterdam. Ik verbleef zodoende meerdere keren per jaar een dag of vier in Oostenrijk; een land dat ik daarvoor nog nooit had bezocht en dat ik alleen kende van de Wiener Schnitzel, verhalen over wintersport van klasgenoten, keizerin Sissi en de Radetzkymars van Johann Strauss in de Turks Fruit-uitvoering van Jan Wolkers (tieten-kont-tieten-kont-tieten-kont-kont-kont).

Ik leerde dankzij de informatie in de reisboeken en de verhalen van de stadsgidsen veel over de Oostenrijkse geschiedenis en cultuur. En net als Caroline de Gruyter proefde ik overal de alomtegenwoordigheid van de Habsburgers. Niet alleen dankzij de vele paleizen en standbeelden, maar ook door de namen van winkels en restaurants die verwezen naar de Habsburgers, de vele oker-gele gebouwen (‘imperial yellow, the color of the Habsburg rulers’) en de talloze bordjes met K.u.K. (kaiserlich und köninchlich). Ik raakte onder de indruk van de grote en langdurige invloed van de Habsburgers op Midden-Europa en begon me af te vragen waarom ik op school wel had geleerd over Hendrik VIII, Karel de Grote en Napoleon, maar niet over Maria Theresia, Franz Joseph I en de implosie van het Habsburgse Rijk in 1918.

Het Habsburgse Rijk was een stabiele, grote macht in Midden-Europa en omvatte vele volken, talen en culturen. De Habsburgse vorsten wisten eeuwenlang door middel van regels, overleggen en compromissen iedereen binnenboord te houden en vijandige indringers (Rusland, het Ottomaanse Rijk) buiten de deur. En dat allemaal met weinig militaire machtsmiddelen. Geen wonder dat Caroline de Gruyter allerlei parallellen met de EU herkent.

De belangrijkste lessen van haar zijn dat je nu eenmaal moet aanmodderen als je met zoveel volken en culturen om de tafel zit. Rustig blijven en de tijd nemen. De Habsburgers zorgden voor ‘stabiliteit, voorspoed en voorspelbaarheid’, aldus een citaat uit het boek.

Juist na de Brexit komt Midden-Europa meer in beeld binnen de EU (“Midden-Europa is terug van weggeweest’). En daarom is het zo belangrijk om meer te weten van de verhoudingen binnen dit deel van ons continent. Wie de opstelling van de Hongaarse leider Orban wil begrijpen, kan veel leren van de positie van de Hongaren binnen de Oostenrijks-Hongaarse Dubbelmonarchie in de 19e eeuw.

Caroline de Gruyter beschrijft dit alles op een vlotte, impressionistische manier, aan de hand van boekverslagen, interviews, observaties en ontmoetingen met kennissen en buren. Dat levert een breed en kleurrijk beeld op. Grote lijnen en petites histoires.

Het boek roept ook eerdere verhalen die ik over de Habsburgers las bij me op. Nadat ik als twintiger de Habsburgers had leren kennen, was ik extra gespitst op publicaties over dit fascinerende rijk. Ik herinner me een grote reportage van de legendarische journalist Jan Blokker in De Volkskrant. Ik heb de tekst destijds ergens bewaard (maar waar?). Gelukkig kan ik hem dankzij de digitale snelweg eenvoudig vinden.[4] Theater Habsburg heet zijn boeiende reisverslag langs de grenzen van de voormalige grote rijk. Er staat een mooi citaat in van de oude keizer Franz Joseph I (rond 1900):

‘Onze monarchie is niet een kunstmatige constructie, maar een levend organisme. Ze is bovendien een wijkplaats en een veilige haven voor al die over midden-Europa versplinterde volkeren die een treurig bestaan zouden leiden als ze aan hun lot werden overgelaten, of die anders de speelbal van machtiger buren zouden worden.’  Jan Blokker voegt hieraan toe:

Hij was daar heilig van overtuigd. De meerderheid van z’n bijna 40 miljoen onderdanen vond dat waarschijnlijk ook. En achteraf zeg je: was zijn merkwaardig opvangtehuis niet ook een paradijs als je het vergelijkt met wat er in de volgende honderd jaar terecht is gekomen van de versplinterde Duitsers, Hongaren, Tsjechen, Slowaken, Kroaten, Serven, Slovenen, Roemenen, Polen, Oekraïeners en Joden? Maar paradijzen zijn er om uit verdreven te worden.

Een andere tekst over de Habsburgers die ik me herinner is de Huizinga-lezing van Benno Barnard uit 2002. Deze kan ik vrij snel terugvinden in mijn knipsel-archief en ook op internet.[5] Ik heb in mijn blogs al vaker de naam Benno Barnard laten vallen. Een schrijver met een gouden pen, een rijke kennis van literatuur, een groot zwak voor burgerdeugden en een naar zwijmelen neigende romantische blik op het Europa van voor 1914. Ook Barnard ziet het Habsburgse Rijk als een voorbeeld van hoe we in ons werelddeel met elkaar om zouden moeten gaan:

“de ware aard van Europa is te vinden in de Donaumonarchie van keizer Frans Joseph, waar allerlei volken in wederzijds respect naast en met elkaar leefden. Europa zou zich dan ook beter bewust moeten zijn van zijn verleden.”

Om de geest van die tijd te vangen citeert Barnard enkele passages uit het boek Radetzkymars van de schrijver Joseph Roth. Het boek beschrijft het leven van luitenant von Trotta (eind 19e-begin 20e eeuw) tegen de achtergrond van de ineenstorting van het Habsburgse Rijk. Men voelt met bitterheid en weemoed dat een mooie wereld gaat verdwijnen en dat deze episode van voorspoed en stabiliteit nooit meer terug zal komen. Barnard gebruikt de woorden van graaf Chojnicki, een van de personages uit het boek van Roth, om het gevoel van naderend onheil weer te geven:

“Zodra onze keizer de ogen sluit vallen we in honderd stukjes uiteen. De Balkan zal machtiger blijken dan wij. Alle volken zullen hun smerige kleine staatjes stichten en zelfs de Joden zullen in Palestina een koning uitroepen….”

Opvallend genoeg gebruikt Caroline de Gruyter in haar boek ook ditzelfde citaat. In hoofdstuk 6 beschrijft ze dat ze aanwezig is bij een lezing van Karl Habsburg, de kleinzoon van de laatste keizer. Tot haar grote verbazing somt deze Karl zonder blikken of blozen (en zonder bronvermelding!) hele passages op uit een artikel dat Caroline de Gruyter enkele weken daarvoor had geschreven voor Carnegie Europe.[6] Als zij hem na afloop van de lezing daarmee confronteert volgt er geen enkel teken van excuus. Zou Caroline de Gruyter op haar beurt hebben geweten dat Benno Barnard 19 jaar geleden dit citaat ook al gebruikte? Joseph Roth mag in ieder geval trots zijn dat zijn boek uit 1932 ook in de 21e eeuw nog met instemming wordt gelezen en geciteerd.

Naast alle parallellen tussen het Habsburgse Rijk en de EU benoemt Caroline de Gruyter een belangrijk verschil. Veel burgers voelden destijds een warme, persoonlijke band met de Habsburgse vorsten. De Habsburgers stonden boven alle partijen en de inwoners van het Rijk konden zich met hen identificeren. Dat gevoel ontbreekt vrijwel volledig als het gaat om Europeanen en de EU. EU-leiders zijn relatief onbekend en zeker niet geliefd. In mijn eigen woorden: oud-VS-president Donald Trump was (en is) duizend keer bekender dan oud-EU-president Donald Tusk. Bovendien heeft de EU meerdere leiders, wat de boel er niet overzichtelijker en herkenbaarder op maakt. Dat bleek ook recentelijk bij ‘Sofagate’: het diplomatieke incident bij de ontmoeting van EU-leiders met de Turkse president Erdogan.

Dit alles betekent wat mij  betreft niet (en dat hoor je Caroline de Gruyter ook niet suggereren) dat er een nieuwe Europese keizer zou moeten komen. We moeten leren van het verleden om beter te begrijpen wat er nu gebeurt. Niet voor niets pleit Benno Barnard hartstochtelijk voor beter geschiedenis-onderwijs en roept Caroline de Gruyter op tot meer aandacht op school voor de inrichting en werking van de EU.

Ik zou zeggen: leren van het verleden, maar niet teruggaan in de tijd.

In Theater Habsburg verwoordde Jan Blokker dat heel duidelijk:

De verzamelde Habsburgers. Ze regeerden eigenlijk niet over een land of over een rijk, ze regeerden over hun eigen dynastie, als grote, feodale heren die tot in Olmutz en Lemberg, en van Auschwitz tot Sarajevo de trouw van hun leenmannen beloonden en hun ontrouw als het moest bestraften: de laatste ridders van de moderne tijd.

Keizers en ridders zijn niet meer van deze tijd. We moeten het tegenwoordig hebben van goede wil, overlegstructuren, procedures. Wat mij betreft moet er geen federale Europese staat komen, maar ook geen ontmanteling van de Europese Unie. Geen superstaat, maar samenwerking. Als je daarvoor kiest, horen daar botsingen en moeizame besluitvorming bij. Of, zoals Caroline de Gruyter het aan het einde van haar boek zegt:

“Als je zo naar Europa kijkt, raak je per definitie teleurgesteld. Want Europa is pappen en nathouden. Dat is de realiteit. Het zal nooit perfect zijn.”

Beter wordt het niet.

 

 

[1] Dit leerzame boek kent een paar minpuntjes. Het bevat geen bronnenlijst of trefwoordenlijst. En de foto’s bevatten geen onderschriften en zijn van matige kwaliteit.

[2] Impressions of European Integration (2012); http://dare.ubvu.vu.nl/handle/1871/32794

[3] Ik durf te bekennen dat in die reisleider-jaren mijn liefde voor de stad Salzburg is ontloken. Ik beschouw Salzburg (ondanks alle Mozart-kitsch en Sound of Music-referenties) als een van de mooiste steden van Europa.

[4] https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/theater-habsburg~bfee4f76/

 

[5] https://www.nrc.nl/nieuws/2002/12/14/tegen-de-draad-van-de-tijd-7618536-a133821

 

 

[6] https://carnegieeurope.eu/2016/09/23/habsburg-lessons-for-embattled-eu-pub-64658

 

Groeten uit Zeist #4 De L-flat: klopt die naam wel? En haalt dit kolossale gebouw z’n 100e verjaardag?

 

Sinds het najaar van 2019 woon ik in Zeist, na ruim 40 jaar in Amsterdam en Amstelveen te hebben gewoond. Ik heb me voorgenomen om geregeld een blog te schrijven over bijzonderheden en ervaringen in mijn nieuwe woonplaats.

Dit verhaal begint in 1974, toen ik ook in Zeist woonde: van mijn 15e tot mijn 18e jaar.

Het was zomer, ik was 16 jaar en ik had, zoals elke puber, geld nodig. Waarschijnlijk voor het kopen van LPs en kleding en om uit te kunnen gaan. In het huis-aan-huisblad zag ik dat er krantenbezorgers werden gezocht en na één telefoontje was ik aangenomen. Ik kon meteen de volgende dag aan de slag met het rondbrengen van het Algemeen Dagblad in de wijk Vollenhove. Ik heb het twee weken volgehouden. Veel te vroeg moest ik mijn bed uit (stom, want het was vakantie!) en het lukte me nauwelijks om de laatste kranten op tijd (‘liefst voor 7 uur, maar uiterlijk half 8!’) in de bus te doen. Ik had er geen handigheid in, en ook geen plezier. Het laatste onderdeel van mijn krantenronde was de zogenaamde L-flat. Voor mij was dit immense flatgebouw van 12 verdiepingen hoog en een halve kilometer lang een soort verlossend slotstuk. Mijn ronde zat er bijna op. Ik hoefde niet meer in straten via hekjes en voortuintjes van deur tot deur te zigzaggen, maar kon handenvol kranten tegelijk verdelen over de brievenbussen van de AD-abonnees. Snel en eenvoudig. En droog op regenachtige ochtenden.

De omvang van de flat maakte destijds indruk op me. De flat stond te boek als grootste galerijflat van Europa, met ruim 700 woningen en meer dan 2000 bewoners. Een eindeloos lange blokkendoos van hoog opgestapelde appartementen. Van buitenaf gezien onaantrekkelijk en massief. Maar toen ik een keer bij een klasgenoot die daar woonde langs ging, viel het me op hoe licht en royaal de woonruimte er van binnen uitzag.

In de jaren ’60 en ‘70 verrezen in Nederland op meerdere plekken wijken met kolossale hoogbouwformaties  om de woningnood te kunnen ledigen. Woningen met ruime kamers en goede voorzieningen en buiten veel licht en lucht. Bestemd voor de onderwijzer, de politie-agent en de ambtenaar.

 

In het najaar van 2019, toen ik weer in Zeist ging wonen, zag ik voor het eerst na 40 jaar de L-flat weer terug. ‘Hij staat er nog steeds!’, was mijn eerste reactie. In tegenstelling tot de vele honingraatflats in de Bijlmer was hij niet gesloopt. Hij was zelfs in frisse groene kleuren gestoken. ‘Hoe zou het zijn om daar nu te wonen?’, vroeg ik me af. Mijn nieuwsgierigheid werd onverwacht snel beantwoord door een serie artikelen over de L-flat en haar bewoners in NRC-Next, mijn ochtendkrant.[1]

“Maar al in dat eerste decennium, de jaren zeventig, verdween de L-flat van de verlanglijst van Zeister woningzoekenden. De gemeente bleef maar bijbouwen, hele buurten. Nijenheim, Couwenhoven, Brugakker, Crosestein. L-flatbewoners konden een eengezinswoning met tuin krijgen voor een vriendelijke prijs. Van een woonbestemming werd de L-flat een doorgangsstation.”

Het is duidelijk. De L-flat is niet meer de woonplek van de gemiddelde AD-lezer of mensen met een middeninkomen. Het is door allerlei maatschappelijke ontwikkelingen en beleidsbeslissingen een sociale huurflat geworden. Een verzamelplek voor mensen in een kwetsbare situatie: bijstandsgerechtigden, asielzoekers, langdurig zieken. De met respect en warmte geschreven portretten in NRC Next liegen er niet om. Veel bewoners hebben het zwaar, kampen met tegenslag, komen moeilijk vooruit. Als je veel kwetsbare mensen bij elkaar zet, versterkt dat de sociale problematiek. Dat blijkt ook uit de onlangs gepubliceerde kansenatlas (https://kansenatlas.seo.nl/persoonlijk_inkomen/26/alles/alles/alles).[2] Als er veel mensen met een laag inkomen bij elkaar in een wijk wonen, zijn er minder kansen om op het gebied van werk of opleiding vooruit te komen dan in wijken met meer sociaal-economische diversiteit. De L-flat werd een opeenstapeling van mensen met opeengestapelde problematieken. Dat leidde de afgelopen decennia tot verhalen over criminaliteit, springers, prostitutie, armoede en gedumpt afval. De L-flat kreeg een slechte naam.

De ergste uitwassen zijn nu aangepakt. En ook NRC Next tekent veel positieve geluiden op. Buren die elkaar helpen, bewoners die activiteiten organiseren om elkaar te ondersteunen.

“Maar louter praten over problemen doet de L-flat tekort. Veel mensen deugen – voor die wijsheid hoef je geen boek te lezen. Je kunt ook langs in het inloophuis van Ina Duit naast portiek zeven. Geïnspireerd door het verhaal van de barmhartige Samaritaan maakt zij het flatleven leuker met taallessen en bewonerslunches. Zelfs de voedselbankmiddagen waren er gezellig, elke vrijdag elf jaar lang, met koffie voor de wachtende bewoners en, als het meezat, gedoneerde taartjes van Top’s Edelgebak. Flatbewoner Harisa Fetahovic verbouwde de voormalige vuilopslagplaats naast portiek zes ondanks haar astma van stofnest tot buurthuis voor tienermeisjes. Julia Ement zaait in het voorjaar altijd gras in het lapje grond langs de zijkant van de flat, zodat er een mooier gazon is voor iedereen. De dochter van de Russische Nadia had een snee in haar hand, de Syrische buurman bracht haar naar het ziekenhuis. De gehandicapte jongen van eenhoog werd uitgescholden, tiener Suus van verdieping vijf nam het voor hem op.”

 

Er is nu minder sprake van criminaliteit en overlast. Bovendien is wooncorporatie Woongoed een groot renovatieproject gestart. Alle 728 woningen krijgen nieuwe badkamers, toiletten en keukens. Ook de bergingen en portieken worden opgefrist. En er worden meer dan duizend zonnepanelen geplaatst. Terwijl er jaren geleden serieus werd nagedacht over het slopen van de flat, wordt er nu gekozen voor een grote opknapbeurt. Veel bewoners zijn er blij mee, al bestaat er ook vrees voor huurverhogingen. Men vindt het vooral positief dat er wordt geïnvesteerd in het woon- en leefklimaat. Aandacht, geld en perspectief zijn de ingrediënten voor maatschappelijke vooruitgang.

Naast de wooncorporatie heeft ook de gemeente Zeist grootse plannen. Er is een meerjarenplan ontwikkeld: Vollenhove Vooruit.[3] Het is de bedoeling dat gemeente en bewoners samen komen tot het realiseren van ambities voor het jaar 2035. Als je deze initiatieven bekijkt, wordt er stevig geïnvesteerd in de toekomst van de L-flat en haar bewoners. En dat mag ook wel, want 1 op de 30 Zeistenaren woont in deze kolos.

Wie weet kan over 40 jaar het honderdjarig bestaan van deze legendarische flat worden gevierd. Ik zal dat niet meer meemaken en ik weet ook niet of er dan nog krantenjongens zullen zijn.

Naschrift

Aan het einde van dit verhaal wil ik nog iets voorleggen wat me altijd heeft beziggehouden. Dat is de naam van de flat. Iedereen zegt dat de naam L-flat is afgeleid van de vorm van het gebouw. Van bovenaf lijkt het op een grote platliggende letter L. Maar toen ik als krantenjongen voor de flat stond en ook nu als ik luchtfoto’s van de flat bestudeer, zie ik geen L, maar een grote J. Het kortere deel van de flat wijst niet in een rechte hoek naar rechts, maar in een schuine hoek naar links. De L-flat is eigenlijk een J-flat.

 

 

 

De NRC-artikelen in drie reeksen

Deel 1: https://www.nrc.nl/nieuws/2020/02/06/de-flat-a3989318#Intro

Deel 2: https://www.nrc.nl/nieuws/2020/04/05/de-flat-en-corona-a2753552#Intro

Deel 3: https://www.nrc.nl/nieuws/2020/10/02/terug-naar-de-flat-a4013412#Intro

 

 

[1] https://www.nrc.nl/nieuws/2020/02/06/de-flat-a3989318#Intro

 

[2] Zie ook dit interessante artikel: https://www.nrc.nl/nieuws/2021/03/05/kansenongelijkheid-in-nederland-wie-in-emmen-opgroeit-haalt-een-alphenaar-nooit-meer-in-a4034383

[3][3] https://www.zeist.nl/projecten/projectenoverzicht/vollenhove-vooruit

Op naar de stembus!

Op verzoek van mijn kinderen schrijf ik iedere keer in de aanloop naar de Tweede Kamer verkiezingen een beschouwing. Ook dit jaar. Ik deel deze tekst (bewerkt en aangevuld) nu ook graag op mijn blog-site.

 

Inleiding

Op woensdag[1] 17 maart kiest Nederland een nieuwe Tweede Kamer. We kiezen dan 150 nieuwe volksvertegenwoordigers voor de duur van, in principe, vier jaar. Die vier jaar is de zittingsperiode van de Tweede Kamer en van de regering die wordt gevormd aan de hand van de uitslag van de Tweede Kamer verkiezingen. Dit laat zien dat de Tweede Kamer verkiezingen ook de basis voor een nieuwe regering leggen. Vaak haalt een regering die volle vier jaar niet, doordat er tijdens de zittingsperiode een breuk of conflict tussen de betrokken regeringspartijen ontstaat. Nog niet zo lang geleden moesten de Nederlanders in 10 jaar maar liefst vijf keer naar de stembus gaan voor het kiezen van een nieuwe Tweede Kamer (2002, 2003, 2006, 2010, 2012) omdat de regering was gevallen. De huidige regering heeft het bijna vier jaar ongeschonden volgehouden, maar struikelde onlangs als gevolg van de Toeslagenaffaire[2]. Omdat dat vlak voor de verkiezingen van 17 maart is gebeurd, blijven de ministers gewoon aan het werk totdat er een nieuwe regering is (we hebben nu een zgn. demissionaire regering).

 

De procedure

De Tweede Kamer[3] controleert de regering en heeft (met de Eerste Kamer) het laatste woord bij het vaststellen van wetten en regels in Nederland. Een heel belangrijk gezelschap dus, omdat deze 150 mensen bepalen welke kant het de komende jaren op moet gaan met woningen, gezondheidszorg, migratie, uitkeringen, milieu, defensie, en noem maar op.

De Tweede Kamer is niet alleen een democratisch orgaan, omdat wij deze mensen kiezen, maar ook omdat zij zelf bij meerderheid van stemmen beslissingen neemt. Met 76 stemmen heb je een meerderheid en daarmee dus een stevige vinger in de Haagse pap.

De kandidaten op het stembiljet opereren niet op eigen houtje, maar staan op lijsten van politieke partijen. Elke lijst vertegenwoordigt een bepaalde stroming (of visie, of belang) en bij verkiezingen wordt dat vertaald in een programma.

Zoals gezegd vormt de verkiezing van de Tweede Kamer ook de basis voor een nieuwe regering. Omdat we in Nederland relatief veel partijen hebben en een regering normaal gesproken moet kunnen steunen op een meerderheid in de Tweede Kamer, moet een regering gevormd worden door een samenwerkingsovereenkomst van meerdere partijen die bij elkaar opgeteld minimaal 76 zetels hebben. Dus, als op woensdagavond 17 maart de stemmen geteld zijn, wordt niet alleen gekeken hoe de partijen het stuk voor stuk hebben gedaan (wie heeft gewonnen, wie heeft verloren) maar wordt ook bekend welke regeringscombinaties mogelijk zijn.

 

Partijen: versplintering en onmacht

Er is de afgelopen 20 jaar iets bijzonders aan de hand. Vanaf de Tweede Wereldoorlog tot het begin van deze eeuw hadden drie grote, traditionele partijen (VVD, CDA en PvdA) de touwtjes in handen. Vooral de PvdA en het CDA waren groot en machtig. Beide partijen haalden vroeger regelmatig 30 tot 50 zetels in de Tweede Kamer. Doordat deze traditionele partijen vroeger zo groot waren, werden tot 2000 vrijwel uitsluitend regeringen gevormd waarin minstens twee van deze drie partijen waren vertegenwoordigd. Als ze met z’n tweeën net wat stemmen tekort kwamen, werd een derde partner erbij gevraagd (bijv. D66). Kortom, het was dus of VVD-CDA (centrum-rechts), of CDA-PvdA (centrum-links) of VVD-PvdA (paars). Lekker overzichtelijk, maar weinig variatie.

De huidige peilingen geven aan dat alleen de VVD nog een ouderwets hoge score lijkt te gaan halen (tussen de 30 en de 40 zetels). De PvdA en het CDA schommelen al jaren tussen de 10 en de 20 zetels. Naast de klassieke drie partijen doen de PVV, de SP, D66 en GroenLinks nadrukkelijk mee. Zo zijn er momenteel zeven grotere partijen die om de gunst van de kiezer strijden. En naast deze zeven partijen zijn er dit jaar nog ongeveer 30 kleinere partijen die meedoen. De posters van deze partijen passen nauwelijks nog op de verkiezingsborden.

Ik ben blij dat we niet in een twee-partij stelsel leven. Dat maakt de keuze erg beperkt. Ik noem dat bipolaire politiek; ik schreef daar eerder ook een blog over.[4] Maar in Nederland slaan we door naar de andere kant. Er staan bijna 40 partijen op het stembiljet, terwijl er maar 150 zetels te verdelen zijn. De opkomst van zoveel nieuwe partijen kan een aanwijzing zijn dat de gevestigde partijen steeds minder goed hun werk doen. Het kan er ook op wijzen dat de samenleving zelf steeds gefragmenteerder en individualistischer is geworden en dat mensen veel nadrukkelijker hun eigen belang voorop stellen en minder oog hebben voor bredere bewegingen en het algemeen belang. Tom-Jan Meeus benadrukt in een column in het NRC van 9 maart j.l. dat het gebrek aan gezamenlijkheid een gevaar kan opleveren voor ons politieke stelsel.[5] Ik denk dat de opkomst van nieuwe media aan deze versplintering bijdraagt. Social media en hun algoritmes dragen er aan bij dat iedereen steeds meer in zijn eigen bubbel gaat zitten[6], terwijl een traditioneel medium als televisie in staat is een breder publiek te bereiken. Joke Hermes benadrukt in dat verband de kracht van televisie als ‘forum van cultureel burgerschap’, vooral bij nationale gebeurtenissen en live uitzendingen.[7]

Uiteindelijk moeten we het met elkaar verder. Maar als iedereen zich fanatiek vastklampt aan zijn eigen gelijk (en splinterpartij) schiet het niet op. Dat zal er ook toe leiden dat veel mensen na de verkiezingen teleurgesteld zullen zijn. Ofwel om de door hen gekozen partij geen of slechts één zetel heeft behaald. Ofwel omdat de gekozen partij deel gaat nemen aan de regering en compromissen moet gaan sluiten. Beide uitkomsten zijn voor hard-liners en principiëlen waarschijnlijk moeilijk te verteren, maar in een land met zoveel partijen moet je bereid zijn om er samen uit te komen en water bij de wijn doen. Gelukkig maar, zou ik willen zeggen. Stel je voor dat één partij het helemaal voor het zeggen zou hebben.

En daar komt nog iets bij. Ik denk dat politieke partijen in de huidige tijd minder greep op het maatschappelijke leven hebben dan vroeger. Niet omdat zij slechter functioneren, maar omdat het speelveld is veranderd. Ontwikkelingen als digitalisering, globalisering en  klimaatverandering en grote spelers als multinationals, de EU en big tech bedrijven hebben een enorme invloed op de samenleving. Nationale politieke partijen, zeker de kleintjes, hebben op dat grotere speelveld vaak maar weinig in te brengen. Wat dat betreft is het zorgelijk dat tijdens de verkiezingscampagne vrijwel alle partijen vooral binnenlandse thema’s benoemen, terwijl de grote vraagstukken van deze tijd juist om een bredere, internationale visie vragen.

Hoe dan ook, de aanwezigheid van zoveel partijen leidt tot een enorme versnippering en dat maakt het vormen van een regering des te ingewikkelder: er zijn al gauw vier, vijf partijen nodig om tot een meerderheid van meer dan 75 zetels te komen. Zo bestaat de huidige regering uit vier partijen: VVD-CDA-D66 en ChristenUnie. Met zoveel partijen bij elkaar is het lastig om tot een stabiele regering te komen.

Financieel-economische thema’s: een kwestie van verdelen

Traditiegetrouw speelt de economie een grote rol bij verkiezingen. Een regering is vooral bezig met het maken van plannen om de staatskas te vullen (belastinginkomsten) en om de buit te verdelen (uitgaven). Denk aan Prinsjesdag en de miljoenennota. Om een idee te geven: in de laatste miljoenennota  gaat het om een totaal-pot van 336 miljard euro, waarvan bijvoorbeeld ruim een kwart (86 miljard) bestemd is voor de zorg en ongeveer 3% 11 miljard) voor een post als Defensie.

Op financieel-economisch terrein kunnen partijen aangeven hoeveel belasting burgers en bedrijven in Nederland moeten betalen. Men kan er bijvoorbeeld voor kiezen om via de belastingen inkomensverschillen te verkleinen, of bepaalde producten (bijv. tabak, benzine, vlees) duurder te maken. Daarnaast laten de partijen zien hoeveel geld ze willen uitgeven aan uiteenlopende zaken als onderwijs, klimaat en infrastructuur. Het zijn belangrijke binnenlandse vragen van verdeling. Veel kiezers kijken naar de programma’s en voorstellen van politieke partijen en stemmen daar hun keuze op af.

Dit jaar: corona, klimaat en sociale thema’s

Dit jaar zijn de thema’s anders dan vier jaar geleden, toen de naweeën van de financiële crisis, de discussies over de AOW en de zorgen om vluchtelingen en moslimextremisme belangrijke thema’s waren. Dit keer speelt natuurlijk de corona-crisis de hoofdrol. Hoe krijgen we Nederland weer terug naar de normale situatie? Hebben Rutte en de Jonge het goed aangepakt? Welke lessen trekken we uit de corona-crisis? Hoe gaan we de samenleving herinrichten?

Na de financiële crisis hebben regeringen flink bezuinigd. Dat ging vaak ten koste van de kwaliteit van de zorg, het onderwijs en sociale voorzieningen. Nu lijken partijen juist veel te willen investeren in deze sectoren. De corona-tijd heeft duidelijk gemaakt hoe belangrijk de zorg en het onderwijs zijn. De meeste partijen zijn daarbij bereid de staatsschuld op te laten lopen. Dat is opmerkelijk want Nederland staat binnen de EU te boek als een zuinig land met een strenge begrotingsdiscipline. Nederland is in het verleden vaak kritisch geweest op andere Europese landen die hun tekorten te hoog lieten oplopen. Maar nu lijken veel partijen in Nederland de teugels ook losser te laten.[8]

Het Parool: De uitgavenstijgingen laten goed zien welke prioriteiten de verschillende partijen hebben. Waar de VVD vooral kiest voor lastenverlichting en hogere uitgaven aan defensie, trekt de SP vooral extra geld uit voor hogere uitkeringen en de zorg. GroenLinks, PvdA en D66 investeren het meest in onderwijs. Het CDA neemt juist vaker een middenpositie in.[9]

 

Niet-materiële thema’s: ik en de ander

Naast de financieel-economische onderwerpen (de verdeling van de koek) spelen de laatste twintig jaar steeds nadrukkelijker andere vraagstukken een rol. Die hebben te maken met zaken als onze nationale identiteit, migratie, Europese samenwerking, de ruimte om je eigen leven in te richten. Hierbij is niet het verdelen van geld het centrale punt, maar gaat het om onze verhouding tot andere landen, leefwijzen en culturen. Waar het bij financiële thema’s vaak gaat om relatieve verschillen (de ene partij wil wat meer geld voor onderwerp A, de andere voor onderwerp B), is er bij ‘culturele’ thema’s vaak sprake van scherpere, tegengestelde standpunten: meer Europese samenwerking of een Nexit, meer vluchtelingen toelaten of een complete stop doorvoeren, zwarte piet of roetveegpiet, recht op levensbeëindiging bij een voltooid leven of juist niet. Veel partijen profileren zich duidelijk op dit soort thema’s.

 

Emotie speelt vaak een grotere rol dan ratio.

Over een week mogen we gaan stemmen en de meeste mensen in Nederland gaan ook daadwerkelijk naar het stembureau. Dat is goed nieuws. Maar velen zullen nu nog wikken en wegen. Er zijn vele ‘economische’ en ‘culturele’ afwegingen te maken. Dit kom je ook tegen in alle stemwijzers. Als je de vragenlijst van Kieskompas[10] invult, wordt jouw positie aangegeven binnen een schema waarin de politieke partijen langs twee assen ingedeeld: een financieel-economische as (links-rechts) en een ‘culturele’ waarde-oriëntatie as (progressief-behoudend).

Het lijkt erop dat we zo heel afgewogen en weldoordacht onze keuze bepalen. Maar we weten ook dat de meeste kiezers niet alle partijprogramma’s bekijken en ook niet systematisch per partij alle voors en tegens op een rijtje zetten. Zo rationeel zijn we niet. Bij de meeste kiezers geven emoties de doorslag: sympathie voor een lijsttrekker, angst voor corona, zorgen over je baan, boosheid over de Toeslagenaffaire, hoop op de nieuwe partij, vertrouwen op ervaren politici, afkeer van mensen die anders zijn. En daarnaast kijken velen ook naar het stemgedrag van familie en vrienden, of stemmen ze uit traditie altijd op dezelfde partij. Er zijn talloze, vaak weinig rationele motieven van kiezers die een rol spelen bij het bepalen van hun keuze. Dit blijkt ook uit een uitgebreid artikel in de Volkskrant van 6 maart waarin diverse onderzoeken naar stemgedrag naast elkaar worden gezet.[11]

 

En nu naar de stembus

Zo leveren de Tweede Kamerverkiezingen elke keer een rijk sfeerbeeld op van de stand van het land. Een moment-opname met structurele patronen en incidentele oprispingen. Met rationele tonen en emotionele geluiden. Het geeft een beeld van waar we momenteel staan, wie we zijn, wat er speelt, waar we naartoe willen? Elke stem is daarbij een stip op een doek dat we met elkaar inkleuren. Een stukje van een grote legpuzzel. Dat is geen ideaal systeem, maar wel het systeem dat we in Nederland met elkaar zo hebben vormgegeven en ingericht. En we moeten blijven nadenken over het verbeteren van dit systeem. Maar dit is wat we nu hebben en in veel landen is de politieke situatie veel beroerder. Dus: op naar de stembus!

Als we geen stippen zetten, blijft het doek leeg.

———————————————————————————

 

[1] Nederlanders stemmen altijd op woensdag; in andere landen is dit vaak op zondag, maar daar hebben met name de kleine Christelijke partijen in Nederland weerstand tegen. Door de corona-crisis gaan de stembureaus al op maandag 15 maart open en kunnen 70 plussers ook per brief stemmen.

[2] Zie o.a.: https://www.nu.nl/politiek/6100724/kabinet-treedt-af-vanwege-vernietigend-rapport-over-toeslagenaffaire.html

[3] Zie ook:  http://www.tweedekamer.nl/

[4] Zie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1286

[5] https://twitter.com/tomjanmeeus/status/1369243361190834177

[6] Zie bijv. een recente uitzending van Pointer: YouTube beveelt misinformatie aan nadat je politieke video’s hebt gekeken | KRO-NCRV (kro-ncrv.nl)

 

[7] https://www.scienceguide.nl/2020/05/televisie-is-dood-lang-leve-televisie/

[8] Zie: https://www.cpb.nl/keuzes-in-kaart-2022-2025

[9] https://www.parool.nl/nederland/doorrekening-vvd-en-cda-laten-in-hun-programma-s-de-staatsschuld-het-hardst-oplopen~bf54a257/

[10] https://www.kieskompas.nl/

[11] De stemwijzer volgen? We stemmen op gevoel, een glimlach, en uit gewoonte | De Volkskrant

 

Inhoudsopgave blogsite Phaestus 2014-20202

 

Inhoudsopgave ‘Phaestus’  Blogsite van Peter ’t Lam  2014-2020

 

2014
Nr. Titel Onderwerp  
1 Een genuanceerde zwart-wit denker Machiavelli en Il Principe (De Vorst) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=24
2 Het schoolslagprincipe USP’s en onderscheidend vermogen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=40
3 Verantwoord Commercieel Samenwerken Hoe om te gaan met commerciële steun http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=235
4 Kiezen voor Europa (serie): Introductie Een serie in thema’s over de rol en plaats van de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=246
5 Kiezen voor Europa (serie): Proloog   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=248
6 Kiezen voor Europa (serie): Geografie   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=293
7 Kiezen voor Europa (serie): Geschiedenis   http://phaests.nl/phaestus.nl/?p=308
8 Kiezen voor Europa (serie): Economie   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=319
9 Kiezen voor Europa (serie): Cultuur   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=326
10 Kiezen voor Europa (serie): Politiek   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=332
11 Kiezen voor Europa (serie): Epiloog   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=337
12 Voir un ami pleurer De aanslag op het Joods Museum in Brussel http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1771
13 Hallo Jumbo! Jumbo, Magritte en Warhol. http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=275
14 COMpositie Kernbegrippen van professionele communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=345
15 Relaties en relevantie Waarom communiceren organisaties? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=357
16 Zijn en Hebben (Etre et avoir) in gedichten en films http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=366
17 Outlet Honden en bejaarden uitlaten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=376
18 Het ‘hoe’ van communicatie Strategie en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=381
19 Zwarte Zaterdag Vakantie ervaringen in Italië, zomer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=385
20 Dylan Tribute Concert in Concertgebouw (augustus) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=394
21 De koffiecorner Een student kiest een communicatiestrategie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=405
22 Zender en Ontvanger Hoogste tijd om dit begrippenpaar uit te zwaaien http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=410
23 Gerrit Kouwenaar Bij de dood van de dichter Gerrit Kouwenaar http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=427
24 Niets is wat het lijkt, of toch wel? Over het husselen van letters http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=438
25 De nieuwe landkaart van Europa Schuivende grenzen in Europa http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=446
26 Teveel reclame Kritiek op een kortzichtige opinie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=453
27 La Superba Het boek van Ilja Leonard Pfeijffer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=456
28 Burgemeester word wakker Burgemeester is ook media-commissaris http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=462
29 Doe effe normaal Campagne SNS slaat niet aan bij studenten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=468
30 Wanneer zeg je ‘Henk en Ingrid’… Welke naam zeg je eerst (bij stellen) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=477
31 Kleurenblind Doet huidskleur er toe bij blinden? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=486
32 Generatiekloof Student weet niet wie Lord Byron is http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=497
33 Strategie revisited Nogmaals: over communicatiestrategie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=502
34 In elke klas zit een Mariëlle Een stille studente die goed scoort in de praktijk http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=510
35 Stakkerdjes of Stakkertjes? Hoe spel je verkleinwoorden? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=516
36 De grootste hit van Dylan in NL Welke song is dat? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=523
37 The image as burden Tentoonstelling Marlene Dumas (over Identiteit en Imago) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=530

 

2015  
Nr. Titel Onderwerp  
38 Ben ik Charlie De aanslag op Charlie Hebdo http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=542
39 Ben ik Charlie (vervolg)   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=551
40 Richting, een naar voorzetsel Het gebruik van het woord richting http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=557
41 Nina Sophia Bij de geboorte van ons eerste kleinkind http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=562
42 Enigma en Dilemma Naar de film The Imitation Game met dochter Lisa http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=571
43 Februaristaking Stilstaan bij antisemitisme http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=576
44 Merknamen De herkomst van merknamen (boek van Riezebos) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=581
45 De vier elementen van communicatie Een koppeling tussen elementen en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=586
46 Hun strijd, onze strijd Vechten op vreemde bodem http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=595
47 Naast wie ga je zitten Observaties in het openbaar vervoer http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=602
48 De stamhouder Het boek van Alexander Münninghoff http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=608
49 Grandes Lignes Parijs en de grote gebaren http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=614
50 Kennis-Houding-Gedrag Kanttekeningen bij deze communicatie-begrippen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=624
51 Norwegian Wood Haruki Murakami, The Beatles en Bob Dylan http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=639
52 Valt er wat te kiezen Verkiezingen voor het Europees Parlement http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=648
53 H.N. Werkman De druksels van Werkman http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=654
54 CommunicatieNU #2 De nieuwe verzamelbundel van Betteke van Ruler http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=669
55 Heimwee naar Max van der Stoel Herinneringen aan een oud-minister http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=677
56 Peeck & Op de Beeck Twee schrijvers, twee boeken; een vergelijking http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=684
57 Zuivere ketters De vervolging van de Katharen in Frankrijk http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=692
58 Zadelhoesjes en ander reclameleed Hoe goed te adverteren met zadelhoesjes http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=701
59 Ode aan mijn bril Dit jaar ben ik vijftig jaar brildragend http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=713
60 Organisaties en onderscheid Zelfpresentatie en ontwikkelingen op mediagebied http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=728
61 Pluk de dag De dichter Cees Buddingh’ http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=739
62 Offerfeest Wat wordt er gevierd tijdens het Offerfeest? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=754
63 Minder, minder, minder Een kwalitatieve afwijzing van andere mensen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=765
64 Afrikaanse vluchtelingen tussen wal en schip Wat doen de EU en de AU? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=772
65 Nog één keer naar Bob Dylan Concert in Carré (november 2015) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=782
66 Een prachtig spoor De bolwerken van Amsterdam (Rob van Reijn) http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=793

 

 

2016  
Nr. Titel Onderwerp  
67 Suiker, een bitterzoet verhaal Cuba, plantages, Java, slavernij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=807
68 Waarom het toch even slikken is vandaag… Bij de dood van David Bowie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=826
69 Geven en Nemen of Delen Seks, intimiteit en communicatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=836
70 Help, mijn dochter heeft een gymnasium-advies De voors en tegens van het gymnasium http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=846
71 Het Vegetarische Vrienden dilemma In hoeverre wil je je aan anderen aanpassen? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=856
72 Koop geen krant van je geboortedag Maar van de dag erna http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=863
73 Schoolcampus (V&D) Bij het faillissement van Vroom & Dreesmann http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=874
74 Judas, de regisseur van Pasen Het boek Judas van Amos Oz http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=892
75 Het Oekraïne-referendum deugt niet Het verkeerde middel bij deze problematiek http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=906
76 Mijn houvast-huis Het gele huis van Willink en mijn geboortehuis in Velp http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=920
77 9 mei: reden voor feest in Europa De feestdag van de Russen en van de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=931
78 Gastdocent in Litouwen Mijn ervaringen in Vilnius http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=939
79 Matthias Antonie Bij de geboorte van onze kleinzoon http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=953
80 Jan Vertoortelboom en het grote Vlaamse familieverhaal Het boek De verzonken jongen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=962
81 Een alternatief Nederlands elftal op het EK Buitenlandse spelers met een Nederlandse naam http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=967
82 Hello Goodbye Het Britse referendum over de EU http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=986
83 Festival Mijn ervaringen op het North Sea Jazz festival http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=992
84 Je moet er wat voor over hebben Collecteren voor het Rode Kruis http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1000
85 Mooie kerk De gerestaureerde Sint Bavo basiliek in Haarlem http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1007

 

86 Geniet ervan! Het gebruik van de gebiedende wijs http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1024
87 Vruchtgebruik Waarom Apple Apple heet http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1033
88 Moedige stap van Edith Schippers Opmerkingen bij de Schoo-lezing van deze minister http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1048
89 Moussa en Meursault; rendez-vous met Albert Camus Het boek Moussa van Kamel Daoud als eigentijds vervolg op L’Etranger van Albert Camus http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1063
90 How does it feel? Bob Dylan krijgt de Nobelprijs voor literatuur http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1088
91 Olifantenpaadjes en ezelsbruggetjes Zetjes in de goede richting: hints en nudging http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1097
92 Sint Maarten Een verhaal over chocolade, voetbal, Holleeder en mantelzorg http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1116
93 Bij de dood van Leonard Cohen Een verhaal over Leonard Cohen, Cleopatra, Kavafis en Shakespeare http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1138
94 Mijn gewone, bijzondere moeder Het leven van mijn moeder, Hanna Lam http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1156

 

 

2017  
Nr. Titel Onderwerp  
95 Bijzonder Indonesië Reiservaringen op Java en Bali http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1178
96 Jonge dichters Tim Hofman, Hannah van Binsbergen, Esther Naomi Perquin http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1199
97 Mijn verjaardag op Facebook Gedachten over afstand en nabijheid http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1222
98 Ik weet nog niet wat ik ga stemmen De Tweede Kamer verkiezingen van 15 maart http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1237
99 Morgen naar de stembus Mijn keuze gemaakt http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1246
100 Oek de Jong en Ed van der Elsken De kracht van woorden en beelden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1258
101 Mijn zoon de gelukszoeker Mijn zoon Lucas gaat op Bali wonen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1273
102 Bipolaire politiek Zwart-wit keuzes bij verkiezingen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1286
103 Geef mij de grauwe, stedelijke wegen Parallellen tussen J.C. Bloem en Walt Whitman http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1300
104 Henk en Ingrid bij de Primark, Jelmer en Sophie bij het Van Gogh museum Dilemma’s tijdens de kabinetsformatie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1306
105 Doe mee aan de migratie-quiz Standpunten van politieke partijen over migratie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1315
106 Papadag en vaderdag De misplaatse term Papadag http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1321
107 Het verhaal van Crystal Palace De link tussen Frank de Boer, Fjodor Dostojewski, Peter Sloterdijk en Samuel Sarphati http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1332
108 Dromen en drama’s in Verona Impressies van een bezoek aan Verona http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1355
109 Oogsten Tradities en de samenhang tussen natuur en cultuur. Boeken van Ger Groot en Erwin Mortier http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1374
110 1987-2017: 30 jaar communicatie-onderwijs Mijn jubileum als HBO communicatie-docent http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1389
111 K. Schippers passé? Ben je belazerd! De betekenis en relevantie van het werk van K. Schippers http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1422
112 Mondriaan als aansteker Hoe ik ooit een titel voor een Mondriaan- tentoonstelling bedacht http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1439
113 31 oktober: gaan we Hervormingsdag of Halloween vieren Oude en nieuwe feestdagen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1460
114 23 oeroude woorden De ontdekking van 23 eeuwenoude stamwoorden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1482
115 Onthaasten, ontspullen, ontbloten, ontzeuren Spelen met ont-werkwoorden http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1511

 

 

2018  
Nr. Titel Onderwerp  
116 Reclame voor reclame Het etaleren van eigen onvermogen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1540

 

117 Nepnieuws is geen nieuws Gebruik en misbruik van de term nepnieuws http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1559

 

118 Wat heeft W.F. Hermans met Heineken en Holleeder te maken? Opmerkelijke parallellen tussen gebeurtenissen rondom deze drie mannen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1573

 

119 De mensen van Maastricht De aantrekkingskracht van deze stad en de rol van haar inwoners daarbij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1585

 

120 Gepakt door SuitSupply De twijfelachtige bedoelingen van SuitSupply bij haar nieuwste reclame-uitingen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1592

 

121 Het oermodel van communicatie (van Shannon & Weaver) is 70 jaar oud. Reden voor een feestje? Dit bekende model was anders bedoeld dan velen denken  

 

122 Leestip: Van Bach tot bacterie en terug Een pittig boek over taal, communicatie, bewustzijn en begrip http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1646

 

123 Balinese bruiloft Het huwelijk van Lucas en Santie http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1655

 

124 Winterswijk In de voetsporen van Mondriaan en Komrij http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1686

 

125 Huishoudtrapje Een ongelukkige valpartij met grote gevolgen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1705

 

126 Roman Jakobson en zijn inspirerende kijk op taal en communicatie Een taalkundige die ons veel inzichten biedt op het gebied van taal, taalfuncties en communicatie  
127 Wanneer houdt een letter op een letter te zijn De ontwikkeling van de letter E en de vele manieren waarop deze letter wordt afgebeeld http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1726

 

128 Jinte Maria Bij de geboorte van kleindochter Jinte http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1766

 

129 Vrouwelijke straatnamen Er moeten meer straten naar vrouwen worden vernoemd http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1777

 

130 I Amstlvn Het einde van de I Amsterdam letters en een opvallende reactie vanuit Amstelveen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1795

 

131 Madeira, van Christiani tot Cristiano Enkele observaties tijdens een heerlijke vakantieweek http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1809

 

132 Beeld en geluid Hoe ik een oud televisie-fragment van mijn vader vond http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1820

 

133 Vuilcontainer Een oude buurvrouw gaat verhuizen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1833

 

 

2019  
Nr. Titel Onderwerp  
134 De weereld is een speeltooneel de Gijsbreght van Aemstel in  het Dylan hotel http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1858
135 Pijl en Logo Saaie logo’s op vrachtwagens http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1870
136 Ik ging naar Brussel om Jacques Brel te zien De bekende zanger blijkt een Vlaming http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1885
137 Openbare klapsigaren, luizenmoeders en fundamentalisten Moet er nog plaats zijn voor bijzonder onderwijs? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1898
138 Stop de verengelsing Nederlandse plaatsen met Engelse namen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1912
139 Communiceren luistert nauw Communiceren begin al in de onderzoeksfase http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1928
140 Verkiezingen voor het Europees Parlement Wat staat er op het spel? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1932
141 Sleutels Sleuteloverdracht van ons nieuwe huis http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1941
142 WP, weg of mee? Gaat de encyclopedie mee naar het nieuwe huis? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1953
143 Van A naar Z Na 33 jaar Amstelveen verhuizen we naar Zeist http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1964
144 Communiceren over communicatie In gesprek met nieuwe eerstejaars studenten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1972
145 Het Lada-effect Als je het eenmaal ziet… http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1983
146 Je bent wat je draagt Gele hesjes en cappuccino http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=1991
147 Elastiekjes op straat Mijn fascinatie voor figuurtje van elastiek http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2005
148 Kinderen voor kinderen Ik ben trots op het werk van mijn kinderen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2026
149 Het is oké Het verkeerde woord van het jaar http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2036

 

2020  
Nr. Titel Onderwerp  
150 Groeten uit Zeist #1: Zeg het niet met Bloemen Wat heeft Karin Bloemen met Zeist te maken? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2052
151 Doelgroepen en deelgroepen Een pleidooi voor een nieuw woord en nieuw denken

 

http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2063
152 Ik-dingen Als dingen menselijke trekjes krijgen http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2075
153 Groeten uit Zeist #2: Hendrik Marsman De Zeister dichter en zijn bekende gedicht: Denkend aan Holland zie ik brede rivieren… http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2096
154 Femke Een oude vriendin wordt overvallen op straat http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2108
155 Bij de geboorte van kleindochter Mae Marianne   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2115
156 Studenten in corona-tijd De gevolgen van de pandemie voor mijn studenten http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2120
157 Simone de Beauvoir en Black Lives Matter Parallellen in de strijd voor gelijkwaardigheid http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2130
158 Groeten uit Zeist #3: De voedselbank De achterkant van onze welvaartsstaat http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2144
159 Land van herkomst en land van aankomst Eddy du Perron en Murat Isisk http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2153
160 Enkele gedachten bij de dood van Samuel Paty   http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2170
161 Mijn vader 1926-1970-2020 Vijftig jaar na de dood van mijn vader http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2179
162 Help, ik ben een soort geworden! Wie denken zij wel dat ik ben? http://phaestus.nl/phaestus.nl/?p=2184

Help, ik ben een soort geworden!

Aan het einde van dit jaar een luchtig verhaal over een zwaar thema: identiteitsverlies.

 

Het begon een paar jaar geleden. Ik fietste door Amsterdam-Zuid toen een bekende chef-kok vanaf de stoep nadrukkelijk naar me keek en riep: ‘Hé hallo, hoe gaat het ermee?‘ “Uhhh, goed hoor”, stamelde ik verrast. Ik vond het een vreemde ervaring. Kende hij mij? Hadden we elkaar al eens ontmoet? Ik kon me dat niet herinneren.

Een paar weken later werd ik in de metro aangesproken door een bedelaar. Hij vroeg om geld. Ik geef nooit zo maar geld aan vreemden, maar hij liet zich niet snel afpoeieren: ”Ik ken jou, van de televisie; je hebt poen zat dus geef me nou maar wat”.  “Wie denk je dan dat ik ben”, vroeg ik hem uitdagend. “Jij bent die kerel van de NRC; ik heb je wel herkend!”, riep hij triomfantelijk. Ik had geen idee wie hij bedoelde. Iemand van de televisie? Iemand van de krant? Hij zag er verward uit en zou zich wel vergist hebben.

Die avond keek ik naar De Wereld Draait Door waar de toenmalige NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch te gast was. Een man van middelbare leeftijd, met een half baardje en een donker brilmontuur. Net als ik. Zou die bedelaar hem bedoeld hebben? Ik vroeg aan mijn vrouw: “Vind je dat ik op hem lijk?”. “Mwah, in de verte misschien wat”, antwoordde ze.

Het bleef niet bij deze twee bijzondere ontmoetingen. Sterker nog, de laatste jaren overkomt het me geregeld dat ik in het openbaar wordt begroet of nagestaard. Het valt niet alleen mij op, mijn vrouw merkt het ook als we samen op straat lopen. “Daar heb je er weer één die je loopt aan te kijken”, zegt ze dan lachend.

Gelukkig overkomt me dit niet dagelijks, zelfs niet wekelijks, maar het gebeurt zo regelmatig dat het geen toeval kan zijn.

Op een gegeven moment ben ik de mensen die me zo maar begroeten gaan vragen wie ze denken dat ik ben. Dat leverde uiteenlopende antwoorden op. Concrete en vage. Zo dacht iemand bijvoorbeeld dat ik Erik de Zwart was. Maar vaak is men minder trefzeker en moet ik het doen met een halve aanduiding: “je zat toch in de jury van die talentenshow op TV?” of “jij bent toch van die Russische tijdschriften”. Ik denk achteraf dat zij misschien Eric van Tijn en Derk Sauer bedoelden.

Langzamerhand ben ik me een look-a-like-Bekende Nederlander gaan voelen. Ik begon er zelfs aardigheid in te krijgen, maar daar kwam laatst abrupt een eind aan. Ik werd twee keer kort na elkaar niet aangezien voor een BN-er, maar voor Piet Goedkoop (“Ha Piet, leuk je te zien. Werk je nog op het gemeentehuis?”) en voor Freek de Vries (“jij bent toch Freek de Vries, je hebt toch die meubelwinkel in het centrum?”).

Ik raakte door deze ontmoetingen mijn BN-er gevoel kwijt en belandde weer met mijn voeten stevig op de grond. Er zijn kennelijk een heleboel mensen op wie ik lijk. Niet alleen BN-ers, maar ook gewoon Piet en Freek. Ik ben dus helemaal niet bijzonder. Integendeel, ik ben een dertien-in-een-dozijn iemand.

Help, ik ben een soort geworden!

Enkele gedachten bij de dood van Samuel Paty

 

Ben ik ooit bang geweest voor een boze reactie van een leerling of een ouder na afloop van een les? Of een bedreiging?

 

Die vraag heb ik mezelf gesteld na de brute moord op de Franse docent Samuel Paty. Hij had in een lessituatie een cartoon van de profeet Mohammed laten zien. Dat leidde onder bepaalde moslim-fundamentalisten tot grote verontwaardiging en oproepen tot wraak. Met alle afschuwelijke gevolgen van dien.

De schokkende moord op een docent houdt mij bezig. Ik ben ook docent. Ik heb in de jaren ’80 ook vijf jaar Maatschappijleer gegeven, het vak van Samuel Paty. En juist bij zo’n vak komen per definitie maatschappelijke vraagstukken, heilige huisjes en hete hangijzers aan bod: criminaliteit, discriminatie, abortus, armoede, oorlog, klimaatverandering. Het is onmogelijk om daarbij 100% neutraal voor de klas te staan. Leerlingen riepen destijds dat ze aan het uiterlijk van de docenten konden zien of deze rechts of links waren. Ze wilden ook altijd weten wat ik stemde. Ik liep niet met mijn politieke voorkeuren te koop, maar ging die vragen ook niet uit de weg. Mij ging het in het klaslokaal niet om het ventileren van mijn mening, maar om het creëren van een veilige ruimte waarin alle leerlingen hun mening kon vormen en uiten. Die ruimte kan alleen maar bestaan als er sprake is van gelijkwaardigheid en respect. De docent heeft een belangrijke rol bij het bewaken van die openheid.

Ik ben me altijd bewust geweest van het bijzondere karakter van het docent-zijn. Ook toen ik daarna ging werken op een hogeschool. In welk beroep krijg je zo vaak de gelegenheid om met jongeren te praten over wat er speelt in de samenleving, over hun gevoelens, hun meningen? Dat is het mooie van het docentschap. Ik heb daarbij ook heel veel van mijn studenten geleerd.

Natuurlijk praat je niet elke les over loodzware kwesties. Doceren betekent ook doseren. Maar als het in mijn klas tot een open gesprek komt, zijn dat de momenten die ik koester.

Nu ik vooral online moet lesgeven komen dergelijke gedachtewisselingen moeilijker te stand. De intieme sfeer van het klaslokaal met het directe onderlinge contact ontbreekt. In de klas kunnen leerlingen aanvoelen of het veilig is om hun zegje te doen. Met Teams of Zoom ligt dat heel anders. De afstand is groter. De sfeer is anders. Ook kunnen andere mensen meeluisteren. Zo schreef een studente na afloop van een online college op de chat: “bedankt voor de les, meneer; mijn moeder vond het ook interessant”. Een grappig,  onschuldig voorbeeld, maar wat als het een boze ouder was geweest die zich had gestoord aan mijn woorden? Een online bijeenkomst wordt regelmatig opgenomen. Dan let je als docent of student toch al snel iets meer op je woorden. Dat het opnemen van een college grote gevolgen kan hebben heeft een collega van de Haagse Hogeschool onlangs gemerkt. Een opmerking van haar werd uit de context gehaald en op social media geplaatst. Met vele verontwaardigde reacties en tegenreacties tot gevolg.[1]

Veel mensen wijzen bij de moord op Paty en de affaire op de Haagse Hogeschool met een beschuldigende vinger naar de sociale media, maar ik denk dat die redenering te eenvoudig is. Mediaberichten gedijen alleen als er een voedingsbodem, een bepaald klimaat is. Ook voor de komst van social media bestonden er al hetzes tegen docenten. De affaire-Daudt is daarvan een bekend voorbeeld. Daudt was een wat behoudende hoogleraar die werd weggehoond door linkse studenten.[2] Ironisch genoeg wordt tegenwoordig juist in sommige rechtse kringen geageerd tegen de zogenaamde linkse indoctrinatie in het onderwijs.[3]

Ik vind dat wij als docenten (links of recht, online of offline) het gesprek met onze leerlingen en studenten met frisse moed moeten blijven voeren. De moord op Samuel Paty laat juist zien hoe hard dat nodig is. Door nu te zwijgen geven we de moordenaar zijn zin. De sleutelwoorden voor deze uitwisseling zijn zorgvuldigheid, respect en pluriformiteit. Samen vormen ze de brandstof en zuurstof voor het onderwijs en de samenleving. Die sleutelwoorden zijn niet bedoeld om te sussen, maar nodigen juist uit om je uit te spreken. Ik laat me op dit punt inspireren door het opinie-artikel van Maurits Berger in NRC van 24 oktober. Hij zegt dat we de controverses met elkaar moeten bespreken en het ongemak moeten benoemen. We moeten niet alleen maar lief proberen te zijn en niets ter discussie willen stellen. Juist in een tijd van scherpe stellingnames en controverses moeten we met elkaar praten over onze gevoeligheden en pijnpunten. Over de cartoon-kwestie zegt Berger dat hij als docent een serie uiteenlopende spotprenten laat zien zodat de studenten zien en ervaren dat de ene student bij een cartoon lacht, terwijl de andere ineenkrimpt; en dat het bij de volgende cartoon precies andersom is. Dat zet mensen aan het denken.

Ik heb een vergelijkbare ervaring met een spontaan gesprek over het Zwarte Piet issue, een paar jaar geleden. Het begon als een pittige woordenwisseling, maar na verloop van tijd vertelden de studenten met tegengestelde stellingnames waar hun boosheid en hun pijn zat. Vooral het delen van die pijn riep herkenning op. Die bespreking loste het probleem niet op, maar het luisteren naar elkaar werkte wel verhelderend.

Het is mooi als het lukt om problemen te bespreken omdat iedereen daarbij van elkaar kan leren. Wat mij betreft gaat aan de vrijheid van meningsuiting iets wezenlijks vooraf, namelijk de ruimte voor meningsontwikkeling. Het klaslokaal kan letterlijk en figuurlijk zo’n ruimte zijn.

 

Ter afsluiting kom ik nog even terug op mijn openingsvraag. In mijn eerste jaar als docent Maatschappijleer op een christelijke school in Huizen moest ik volgens het leerplan ook het thema Relaties bespreken. Ik had in Amsterdam een doos gratis voorlichtingsboekjes op de kop weten te tikken. Tijdens een les besprak ik het onderwerp Man-Vrouw verhoudingen, maar ik zag dat de leerlingen vooral met spreekwoordelijke rode oortjes zaten te lezen in het hoofdstuk dat over seks ging. Na afloop van de les kwam een jongen naar me toe en zei: “als mijn vader dit boekje te zien krijgt weet ik zeker dat hij naar de rector stapt om te zeggen dat u ontslagen moet worden”. Ik heb daarna nog vier jaar met plezier op die school gewerkt.

 

 

 

 

[1] https://nos.nl/artikel/2349379-uitspraak-docent-over-moord-op-baudet-uit-zijn-verband-gerukt-zegt-hogeschool.html

 

[2] https://www.trouw.nl/nieuws/schande-wat-we-u-hebben-aangedaan-professor-daudt~b9126ac6/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F

 

[3] https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/politiek/artikel/4656656/woede-om-meldpunt-forum-over-indoctrinatie-onderwijs