Bij de dood van Leonard Cohen...

Een groot dichter en zanger neemt afscheid in de geest van Cleopatra, Shakespeare en Kavafis   Op de avond voor z’n 79e verjaardag trad Leonard Cohen op in de Ziggo Dome in Amsterdam. Het was één van de mooiste concerten die ik ooit heb bijgewoond. Er hing een bijzondere sfeer van magie, schoonheid, welwillendheid en troost in die grote moderne concertzaal. Het meest bijzondere onderdeel voor mij was de aankondiging en de uitvoering van het lied Alexandra leaving.   Leonard Cohen droeg de eerste regels voor en introduceerde daarna de vrouw die hem al sinds 1980 muzikaal vergezelt, Sharon Robinson. De manier waarop zij dat lied vertolkte was adembenemend. Ik kende het lied van een verzamel-CD, maar werd op dat moment pas echt getroffen door de intensiteit van de tekst en de melodie.   De tekst is ontleend aan een gedicht van de Griekse dichter Konstantinos Kavafis (1863-1933). Deze in het Egyptische Alexandrië geboren dichter is vooral bekend geworden door zijn monumentale gedicht Ithaka. Het gedicht haakt in op de lange thuisreis die Odysseus moest maken na de Trojaanse oorlog. Deze reis met z’n vele omzwervingen en beproevingen staat beschreven in de Odysseia van Homerus. Kavafis geeft zijn eigen kijk op dit epische verhaal. Dat blijkt vooral uit het laatste deel van het gedicht:       Houd Ithaka wel altijd in gedachten. Daar aan te komen is je doel. Maar overhaast je reis in geen geval. ’t Is beter dat die vele jaren duurt, zodat je als oude man pas bij het eiland het anker uitwerpt, rijk aan wat je onderweg verwierf, zonder te hopen dat Ithaka je rijkdom schenken zal. Ithaka gaf je de mooie reis. Was het er niet, dan was je nooit vertrokken, verder heeft...

Sint Maarten: een verhaal over chocola, voetbal, Holleeder en mantelzorg...

11 november is de dag… Enkele observaties en ervaringen rondom Sint Maarten     Sint Maarten in de brugklas Als kind had ik geen weet van Sint Maarten. In de Gelderse regio waar ik destijds woonde was het geen gewoonte dat kinderen op 11 november langs de deuren gingen met lampions en Sint-Maarten liedjes om snoep op te halen. Pas in de brugklas maakte ik met hem kennis. Bij het vak tekenen kregen we de opdracht om een afbeelding van Sint Maarten te maken. In een groot schetsboek, met echte verf. Die verf zat in kleine tubetjes met wonderlijke aanduidingen die op toverwoorden leken: karmijn, oker, vermiljoen. Voor we gingen schilderen vertelde de leraar, meneer Germans, ons vol vuur het verhaal van de Romeinse ruiter Maarten die een bedelaar de helft van zijn mantel gaf door met zijn zwaard dit kostbare kleed in twee stukken te snijden. Germans liet ons allerlei afbeeldingen van deze legende zien die ons moesten inspireren. Of dat in mijn geval gelukt is, durf ik niet te zeggen. Ik heb wel mijn schetsboek bewaard zodat ik mijn ’kunstwerk’ nog kan laten zien.   Sint Maarten en de jonge vader Toen ik vele jaren later in Amstelveen kwam wonen, stonden er op een regenachtig novemberavond volslagen onverwacht zingende kinderen bij de voordeur. We waren hier niet op voorbereid. Onze eigen kinderen waren nog heel jong  (één van twee jaar en één van twee maanden) en we hadden geen snoep in huis. Gelukkig konden we de zingende buurtkinderen tevreden stellen met mandarijntjes. De jaren daarna werden mijn kinderen zelf fanatieke 11 november vierders. Geen wonder, Sint Maarten zorgde jaarlijks voor zakken vol snoep. Dankzij de kinderen kregen we de kans niet om 11 november te vergeten. Begin...

Olifantenpaadjes en Ezelsbruggetjes...

“Als we nudging zien als poging van een overheid of andere organisaties om burgers en klanten een suggestieve zet in de rug te geven, dan kunnen we olifantenpaadjes opvatten als een collectieve uiting van mensen/gebruikers om overheden en managers een duidelijke hint te geven”   Een collega èn plaatsgenote wees me er onlangs op hoe lokale overheidsdienaren op een bekende locatie in onze woonplaats een afsteek-route, een zogenaamd olifantenpaadje, voor voetgangers hadden geblokkeerd door een hek te plaatsen. In reactie daarop hadden voorbijgangers het hek ontwricht om weer een vrije doorgang te creëren. Daarop had de gemeente een steviger hek geplaatst, maar ook dit hek werd weer onklaar gemaakt. Een halsstarrige overheid tegenover hardnekkige burgers.     We constateerden hoofdschuddend dat dit een treurig voorbeeld was van energieverspilling en vooral een gemiste kans om gezamenlijk tot een goede oplossing te komen. Tijdens dit praatje bij de koffie-automaat viel me in dat het fenomeen ‘olifantenpaadjes’ een soort omgekeerde equivalent is van ‘nudging’.  Nudging is een modekreet in de professionele communicatiewereld. Het is een term die over is komen waaien uit de Verenigde Staten dankzij de publicatie van het boek Nudge van de gedragswetenschappers Thaler en Sunstein (2009). Het boek heeft de veelzeggende ondertitel ‘improving decisions about health, weath and happiness’. Nudging betekent letterlijk: een duwtje geven. Als illustratie staat op de voorkant van dit boek een grote olifant die een (weigerachtige) baby-olifant met zijn slurf een zetje geeft. Ook hier een olifanten-metafoor. In de communicatiewereld zien professionals zich vaak voor de opdracht gesteld om met boodschappen en media een bepaalde doelgroep te beïnvloeden. Sinds de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw maken ze daarbij gebruik van gedragswetenschappelijke inzichten. Denk bijvoorbeeld aan de Planned Behaviour theorie van Fishbein &...

How does it feel? Over Bob Dylan en de Nobelprijs...

Bob Dylan won vandaag de Nobelprijs voor de Literatuur.  Waarom dat wat mij betreft volkomen terecht is, kan ik het beste laten zien aan de hand van zijn eigen teksten. Een greep uit zijn veelzijdige werk van de afgelopen 50 jaar.   Maar eerst wat Dylan in 2015 zei over zijn werk bij het in ontvangst nemen van de MusiCares Award “I’m glad for my songs to be honored like this. But you know, they didn’t get here by themselves. It’s been a long road and it’s taken a lot of doing. These songs of mine, I think of as mystery plays, the kind that Shakespeare saw when he was growing up. I think you could trace what I do back that far. They were on the fringes then, and I think they’re on the fringes now. And they sound like they’ve been traveling on hard ground.” (voor de volledige tekst, zie: http://www.rollingstone.com/music/news/read-bob-dylans-complete-riveting-musicares-speech-20150209#ixzz40q0lur2O)   Mijn (haastige) keus van vandaag:   POËTISCH Inside the museums, Infinity goes up on trial Voices echo this is what salvation must be like after a while But Mona Lisa musta had the highway blues You can tell by the way she smiles See the primitive wallflower freeze When the jelly-faced women all sneeze Hear the one with the mustache say, “Jeeze I can’t find my knees” Oh, jewels and binoculars hang from the head of the mule But these visions of Johanna, they make it all seem so cruel (Vision of Johanna; 1966)     RELIGIEUS In the time of my confession, in the hour of my deepest need When the pool of tears beneath my feet flood every newborn seed There’s a dyin’ voice within me reaching out somewhere Toiling in the danger and in...

Moussa en Meursault; rendez-vous met Albert Camus...

De Algerijnse schrijver Kamel Daoud publiceerde enkele jaren geleden zijn debuut-roman Meursault, contre-enquête. Een hedendaags antwoord op het klassiek geworden boek L’Etranger van Albert Camus; ook een debuutroman, uitgebracht in 1942. Op de middelbare school ontwikkelde ik een fascinatie voor Camus die mij nooit echt heeft losgelaten. Ik kon dus niet anders dan ook het boek van Daoud lezen. In 2015 verscheen de Nederlandse vertaling onder de -nogal van het origineel afwijkende- titel Moussa, of de dood van een Arabier. Een intrigerend boek dat mij ertoe aanzette om, veertig jaar later, opnieuw L’Etranger te gaan lezen.   L’Etranger Mijn belangstelling voor de schrijver Albert Camus ontstond op de middelbare school. Ik had Frans gekozen als examenvak en werd geacht 12 Franstalige boeken te lezen. Ik moest een gevarieerde keuze maken uit een voorgeschreven groslijst die begon met La chanson de Roland uit de Middeleeuwen en eindigde met moderne, naoorlogse schrijvers. Ik las de meeste boeken daadwerkelijk in het Frans, maar kon niet zonder de hulp van het uittrekselboek Aperçu, en ook niet zonder Nederlandse vertalingen en het Frans-Nederlandse woordenboek. Van Camus koos ik het boek l’Etranger en ik werd zo gegrepen door dat verhaal, dat ik daarna ook zijn La Peste op mijn lijst zette. Meer mocht niet: maximaal twee titels per schrijver. Via Albert Camus en ook Jean-Paul Sartre kwam ik in aanraking met het existentialisme, met maatschappelijk engagement, met het begrip absurditeit, met het verbinden van literaire thema’s aan sociale vraagstukken. Koren op de molen van een maatschappelijk geïnteresseerde bovenbouw-leerling in de jaren ’70. Het verhaal van L’Etranger speelt zich af in Algerije waar de hoofdpersoon Meursault een onopvallend leven leidt. Algerije is op dat moment nog een Franse kolonie en Meursault is een pied-noir, een Algerijn van...

Moedige stap van Edith Schippers...

Het is goed als een gezichtsbepalende politicus de gelegenheid krijgt en neemt om uitgebreid en afgewogen zijn denkbeelden omtrent een groot maatschappelijk vraagstuk op papier te zetten en in het openbaar te delen. Minister Edith Schippers deed dit onlangs door te spreken over ‘De Paradox van de Vrijheid’ in de door Elsevier georganiseerde H.J. Schoo-lezing.[1]  Geen schreeuwerige verkiezingsretoriek, geen ultra-korte soundbites, geen voortkabbelend praatje-plaatje verhaal à la Zomergasten, maar een doordacht en doortimmerd betoog. Politiek en persoonlijk. Dat zouden meer politici moeten doen. De centrale vraag van haar lezing is hoe we onze (westerse) verworvenheden met als trefwoord ‘vrijheid’ beter kunnen bewaken en uitdragen zonder onze eigen vrijheid en die van anderen nodeloos in te dammen. Met andere woorden: hoe vrij laat je ander zijn die onze vrijheid op de korrel neemt? Hoe tolerant wil je zijn tegenover intoleranten? Hoe op te treden tegen mensen die onze principes bestrijden, zonder daarmee diezelfde principes ontrouw te worden? In een uitvoerig betoog, waarin linkse en rechts heilige huisjes niet worden ontzien, probeert Schippers een onderbouwd antwoord te formuleren op haar centrale vraag Ik heb haar lezing met veel belangstelling en ook op meerdere punten met veel instemming en waardering gelezen. Maar ook met een kritische blik. Ik ga graag in op drie termen die in het betoog van minister Schippers centraal staan: cultuur, maatschappelijk contract en vrijheid.   Cultuur Schippers zegt het volgende over het begrip cultuur: Frits Bolkestein zei het al in de jaren negentig: alle culturen zijn helemaal niet gelijkwaardig. En ik zeg het hem na: de onze is een stuk beter dan alle andere die ik ken. In elk geval voor de vrouw. In elk geval voor de homo of de transseksueel. In elk geval voor mensen die...

Vruchtgebruik (of waarom Apple Apple heet)...

  De Europese Commissie heeft vandaag bepaald dat het bekende technologieconcern Apple 13 miljard euro  aan de Ierse fiscus moet betalen in verband met eerder gemaakte belastingafspraken die nu illegaal zijn verklaard. Dit bericht bracht mij (naast andere gedachten) op de vraag waarom Apple eigenlijk Apple heet. Waarom heeft men bij de naamgeving van een high tech bedrijf juist voor de naam van een vrucht gekozen? Heeft die naam iets met het Bijbelse scheppingsverhaal te maken? Of is er een link met de toenmalige gelijknamige platenmaatschappij van de Beatles. Of is er een andere reden? Enig speurwerk op internet levert verschillende verhalen op. Op oude YouTube filmpjes van Apple-oprichters Steve Jobs en Steve Wozniak[1] klinkt vooral door dat ze het een kernachtige naam vonden. Simpel, positief en herkenbaar. Toen de naam Apple werd voorgesteld, wist niemand van de betrokkenen een betere naam te bedenken, dus werd het Apple. Er wordt zelfs gesuggereerd dat Jobs deze naam had bedacht omdat hij daarvoor in een biologische appelboomgaard had gewerkt.[2] Deze suggestie wordt nog versterkt door het feit dat de bekende Mac van Apple voluit Macintosh heet, en dat is een bekend appel-ras. Steve Jobs vertelt er op een video lachend bij dat de naam Apple ook handig was, omdat men zo bij het zoeken op alfabetische volgorde voorbleef op concurrent Atari. Nu was er nog een probleem omdat de platenmaatschappij van de Beatles ook Apple heette.   Apple Records (of eigenlijk holdingmaatschappij Apple Corps) spande een rechtszaak aan tegen Apple Computers. In de media werd deze aandachttrekkende zaak ‘Apple vs Apple’[3] genoemd. Apple Computer mocht de naam Apple blijven voeren tegen betaling van een fiks bedrag aan Apple Records en de belofte om zich niet in te laten met muziek (terwijl...

Geniet ervan! (over de gebiedende wijs)...

‘Geniet ervan!’ Deze woorden krijg ik steeds vaker te horen. In het restaurant als het bord onder mijn neus wordt geschoven, op mijn werk als de vakantie aanbreekt, in een winkel als ik iets moois heb gekocht, in het hotel als ik de sleutel van mijn kamer overhandigd krijg. Het merkwaardige is dat men de gebiedende wijs (‘geniet’) gebruikt voor iets dat men positief bedoelt.   Hoe zit dan nu precies met die gebiedende wijs (ook wel imperatief genoemd, naar het Latijnse woord imperator = keizer/opperbevelhebber)? Het lijkt alsof die te pas en te onpas wordt gebruikt. Het valt mij op dat veel tekstschrijvers en reclamemakers de gebiedende wijs hanteren. Reclame maken is de kunst van het verleiden. Althans, als je sommige romantisch aangelegde professionals mag geloven. Hoe kun je iemand prikkelen om jouw product aan te schaffen? Reclamemakers hebben daarbij een groot arsenaal aan middelen tot hun beschikking: foto’s van palmenstranden, sfeervolle muziek, geurtjes in de winkels, bekende Nederlanders in een TV-commercial, promotieteams op straat, sexy modellen op billboards (‘sex sells’), en -niet in de laatste plaats- : wervende teksten. Naast beelden, geluiden en geuren, zijn woorden krachtige instrumenten om potentiële kopers over de streep te trekken. Er wordt vaak voor de gebiedende wijs gekozen om de boodschap kort en stevig over te brengen. Maar kunnen we het nog wel verleidingskunst noemen als wij bevelen naar ons hoofd krijgen geslingerd?  Ik merk dat ik me minder uitgenodigd voel als ik geconfronteerd word met termen als KOOP! BESTEL! RESERVEER! GENIET! Ik krijg bij dergelijke dwingende aansporingen al snel een ‘dat maak ik zelf wel uit’-gevoel. Je kunt je bovendien afvragen of het op deze manier gebruiken van de gebiedende wijs wel spoort met de regels van de Nederlandse taal....