Elk weekend verschijnt er op mijn Iphone-scherm een melding over mijn schermtijd van de afgelopen week. Die is gemiddeld twee uur per dag. Als ik daar nog de tijd bij optel die ik televisie kijk en achter mijn laptop[1] zit, kom ik misschien wel op een totaal van 5 of 6 uur per dag uit. Een aanzienlijk aantal uren. Toch blijf ik daarbij nog flink achter bij veel anderen. Uit een recent onderzoek[2] blijkt dat Nederlanders een gemiddelde schermtijd van 9 uur per dag hebben.

Door ons langdurige schermgebruik klinkt de vraag steeds luider of dat wel gezond is. Daarbij wordt zowel op mogelijke fysieke klachten (pijnlijke ogen, rug- en nekpijn, rsi) als op mentale problemen (concentratiestoornissen, verslaving, sociale remmingen, slaapstoornissen, minderwaardigheidsgevoelens) gewezen. Sommige problemen hangen vooral samen met het gebruik van schermen op zich, ongeacht de vraag wat er op het scherm te zien is. Andere vraagstukken hebben niet zo zeer met het scherm zelf te maken maar met wat er te zien en te horen is.
Het is wat dat betreft zinvol om onderscheid te maken tussen het scherm als zodanig (medium) en de getoonde content (message). Ik leerde als kind al om onderscheid te maken tussen een medium als zodanig en de content/message van het medium. Toen ik een jaar of 9 was ging ik elke week naar de bibliotheek om nieuwe boeken te lenen. Mijn oma waarschuwde mij dat ik van al dat lezen slechte ogen zou krijgen (het boek als medium). In de bibliotheek mocht ik alleen boeken uitkiezen die bij mijn leeftijd pasten (vanwege de content/message van die boeken).
In het kader van de discussie over de mogelijke gevaren van langdurig schermgebruik vind ik het interessant om te kijken naar de herkomst en betekenis van het woord scherm.[3]
- Scherm als bescherming en buffer
Het woord scherm heeft oorspronkelijk een betekenis die te maken heeft met bedekking of bescherming. Mensen moesten zich beschermen tegen natuurkrachten (wind, hitte, regen)[4] maar ook tegen aanvallen van anderen. Daarvoor gebruikten ze doeken, schilden, planken, dierenhuiden. In die primaire betekenis van het woord gaat het dus om beschermen (protectie, beschutting). Maar ook om afschermen (buffer, afscheiding), zoals je een tuinscherm of schutting plaatst waarmee je jouw tuin van die van de buren afbakent, en je daarbij ook wat minder bespied en meer privé te voelen.
- Scherm als informatie-overdrager/vertaler
Een volgende betekenis van het woord scherm heeft te maken met het weergeven van beelden of teksten. Op schilden van strijders stond vaak een symbool: bijvoorbeeld het wapen van de vorst om aan te geven bij welke partij je hoorde, of een afbeelding van een dier om de vijand schrik aan te jagen. Zo is het woord scherm een bredere betekenis gaan krijgen. Een plek waarop je iets kunt afbeelden, een informatiedrager. Een scherm als medium. Het scherm heeft dan niet alleen een bescherm-functie, maar ook een communicatieve.
- Scherm als venster/projectie-oppervlak
In de moderne tijd is het woord scherm min of meer los komen te staan van de oorspronkelijke bescherm-betekenis. Met de komst van fotografie, film, televisie en computer wordt met het woord scherm vooral iets bedoeld waarop je beelden en teksten kunt vertonen. Een venster met een voorstelling. Van een metersbreed bioscoopscherm tot enkele vierkante centimeters op een smartphone. Door de voortschrijdende digitalisering is het scherm tegenwoordig een toegangsportaal tot alle aspecten van het leven: werk, sociale contacten, spelletjes, bankzaken, boodschappen, daten, informatievoorziening, amusement, hobby’s, nieuws, etc. Dankzij handige alles-in-één apparaten (smartphones, Ipad, laptops) kunnen we met één druk op de knop al die functies en activiteiten oproepen. Onze inter-actie-radius is onbeperkt. We hoeven de deur niet meer uit. Of andersom geredeneerd: we kunnen juist wel de deur uit en op elke willekeurige plek ons ding doen (zolang er maar goede wifi is).
Drie punten van aandacht en zorg
Zo bezien is het niet verbazingwekkend dat mensen vele uren per dag op een scherm aan het kijken zijn. En het is ook niet verbazingwekkend dat al dat schermgebruik vragen en zorgen oproept. Ik zie daarbij drie elkaar versterkende belangrijke aandachtsgebieden.
a) Weergave realiteit
Als je kijkt naar de geschiedenis van media-ontwikkelingen[5], zie je dat nieuwe vindingen en ontdekkingen op media-gebied een duidelijk patroon hebben: het steeds beter weergeven van de realiteit. Van foto naar bewegend beeld. Van zwart-wit naar kleur. Van mono naar stereo. Het verslag van een sportwedstrijd of concert op televisie is er tegenwoordig op gericht om je een ervaring te bieden alsof je er zelf bij bent. Bij het spelen van games gaat dat nog een stap verder. Daarbij ben je geen toeschouwer meer, maar heb je zelf de rol van coureur, avonturier of actieheld. En wat te denken van de mogelijkheid om via virtual reality (de naam zegt het al) door een museum te lopen terwijl je gewoon thuis op de bank zit. We leven we nu in een tijd waarbij het scherm als buffer of venster heel erg transparant en ‘dun’ is geworden. Je realiseert je haast niet meer dat je naar een scherm zit te kijken. In de vakliteratuur wordt dit immediacy genoemd. Deze realistische nabootsing van de werkelijkheid biedt veel positieve mogelijkheden en toepassingen, maar roept ook een belangrijke vraag op: als we zo gewend raken aan hyperrealistische representaties van de werkelijkheid, raken we dan niet ontwend om ons in de werkelijke wereld te bewegen en thuis te voelen?
b) Verslavende werking
Mijn kleinzoon van anderhalf is een gezellig druk mannetje, maar als we met hem langs een winkel lopen met reclame-scherm in de etalage staat hij minutenlang volkomen gebiologeerd te kijken.

Schermen trekken de aandacht. En die werking wordt nog versterkt door allerlei algoritmes en andere triggers. Aanbieders doen er alles aan om onze aandacht vast te houden. Hoe langer we kijken, hoe meer data van ons worden opgehaald en hoe hoger de kans op advertentie-inkomsten.
Het onderstaande bericht illustreert dat:
TikTok is zo verslavend dat het daarmee de Europese regels overtreedt. Tot die voorlopige conclusie komt de Europese Commissie. Het onderzoek naar het van oorsprong Chinese bedrijf begon in februari 2024. De Commissie stelt dat TikTok allerlei functies heeft die zeer verslavend werken voor gebruikers. Het algoritme is zo ontworpen dat gebruikers eindeloos blijven scrollen. De app weet per gebruiker hoe ze zolang mogelijk de aandacht kunnen vasthouden. En als iemand toch zijn telefoon weglegt, nodigen pushberichten de gebruiker uit om terug te keren naar de app. Wie op een notificatie klikt, krijgt direct een nieuwe stroom berichten met filmpjes die automatisch afspelen. (https://nos.nl/artikel/2601172-europese-commissie-vindt-tiktok-ongezond-verslavend-miljardenboete-dreigt )
c) Zelf-scheppend vermogen
Dankzij Artificial Intelligence (AI) kunnen computers dingen doen die voorheen alleen door mensen uitgevoerd konden worden: bijvoorbeeld leren, onthouden en beslissingen nemen. Steeds meer mensen maken gebruik van vormen van AI voor hun werk, studie of vrije tijd. Door middel van generatieve AI kunnen teksten worden geschreven, muziek gecomponeerd, foto’s en video’s bewerkt en nog veel meer. Allemaal via schermen. We betreden daarbij een nieuw tijdperk. Apparaten zijn hierbij niet alleen medium (scherm/venster) en content-dragers (message), maar worden zelf ook actoren/scheppers/zenders. De mens heeft een machine bedacht die nu ook zelf denkt, ontwerpt en keuzes maakt. Omdat we nu nog middenin deze revolutionaire ontwikkeling zitten, durf ik niet te zeggen wat de implicaties hiervan zijn. Dat kan ik eerlijk gezegd niet overzien. Maar ik zie wel er dat naast allerlei positieve nieuwe opties en toepassingen ook gevaren en bedreigingen zijn. AI kan de werkelijkheid zo goed imiteren en manipuleren dat het onderscheid tussen echt en ‘gemaakt’ haast niet meer te maken is. Denk aan deepfakes en desinformatie. Op zich is het manipuleren van teksten en beelden een eeuwenoud verschijnsel (zie de tentoonstelling Fake in het Rijksmuseum[6]), maar omdat we alles nu zo levensecht kunnen laten lijken wordt de kans op misbruik en misleiding alleen maar groter.
En het gaat nog een stap verder als AI niet alleen iets in opdracht van jou doet, maar zelf het initiatief neemt. Alexander Klöpping gaf daar laatst bij de talkshow van Eva Jinek een goed voorbeeld:
Bij Eva liet ik gisteren een AI zien die zelf een restaurant belt om een tafel te reserveren, nadat je erom vraagt via Whatsapp. AI-tool Openclaw kan zelf bedenken wat voor tools hij nodig heeft om zo’n actie uit te voeren. Hij maakte verbinding met een beldienst. Creëerde zelf een stem. En begon te onderhandelen. Toen het demo-restaurant “vol” zat, vroeg hij of we aan de bar konden zitten. Of er later iets vrijkwam. Hij was vasthoudend, omdat ik dat had gevraagd. Om deze demo te doen heb ik een nieuwe computer en telefoon gekocht. Want dit ding kan potentieel bij je mail, je creditcard, je foto’s — bij álles. Het is hyperkrachtig en hypergevaarlijk tegelijk. Doe dit dus vooral niet na, tenzij je écht weet waar je mee bezig bent. Maar toch vond ik het belangrijk om te laten zien, want het is een kijkje in de toekomst. Tot nu toe moest jij naar de AI toe. Straks komt de AI naar jou. AI die meekijkt in al je gesprekken. Die leert wat je gewoontes zijn. Die beslissingen neemt namens jou. Niet alleen omdat je het vraagt, maar omdat hij denkt dat je het wil. AI gaat, ik denk dit jaar, zich niet meer beperken tot het venster waar je hem opent. Hij gaat je hele computer bedienen. Je berichten lezen, je agenda beheren, je apps gebruiken. (https://www.linkedin.com/posts/alexanderklopping_bij-eva-liet-ik-gisteren-een-ai-zien-die-ugcPost-7424825825163751426-X2j9/ )
Ik denk dat het heel belangrijk is om bijzonder waakzaam te zijn bij deze nieuwste ontwikkelingen. Te meer ook omdat ze aangejaagd worden door grote Amerikaanse tech-bedrijven die enorme economische macht hebben en (zeker ook onder president Trump) ook grote politieke invloed.
Ten slotte
De ontwikkeling van het woord scherm laat zien dat de oorspronkelijke betekenis van bescherming en beschutting in de huidige tijd grotendeels is verdwenen. Sterker nog, we leven in een tijd waarin we door media-schermen worden blootgesteld aan veel goede en zinvolle functies, maar ook aan tal van bedenkelijke of zelfs gevaarlijke zaken. Het bijzondere is dat hiervoor nauwelijks spelregels of beperkingen bestaan. En als er pogingen in die richting worden ondernomen, stuit dat op hevig verzet van de grote tech-bedrijven. Zij willen ongebreideld en ongecontroleerd kunnen groeien. Gezien de enorme impact van schermen, social media en AI op ons dagelijks leven (en hun enorme economische en politieke macht) vind ik dat we normering en regulering niet aan die bedrijven moeten overlaten. Burgers, belangenorganisaties en overheden zullen samen regels moeten opstellen en grenzen moeten aangeven. Wat is een gezonde hoeveelheid schermtijd, zowel voor kinderen als voor volwassenen? Hoe kunnen social media minder verslavend worden gemaakt? Hoe kunnen we platforms aansprakelijk stellen voor de content die zij aanbieders? In die zin is de Digital Services Act van de EU een stap in de goede richting[7].
Het is, kortom, de hoogste tijd om die eerste betekenis van het woord scherm nieuw leven inblazen: we hebben meer bescherming tegen de schermen nodig.
De afbeelding boven dit bericht is van de website Mediawijsheid.nl
[1] Voor de televisie, op mijn telefoon, achter mijn laptop: in de dagelijks spraakgebruik kiezen we per apparaat een ander voorzetsel.
[2] https://netwerkmediawijsheid.nl/onderzoek-netwerk-mediawijsheid-nederlanders-hebben-schermtijd-van-gemiddeld-9-uur-80-is-daar-positief-over/
[3] Ik heb voor deze tekst gebruik gemaakt van een informatieve tekst van Doris Bravo (2003) over de etymologie van het woord scherm: https://csmt.uchicago.edu/glossary2004/screen.htm
[4] Die oorspronkelijke betekenis kennen we nog steeds. Duitsers noemen een paraplu een Regenschirm; Engelstaligen noemen de voorruit van hun auto een windscreen en als de zon schijnt gebruiken ze sunscreen.
[5] Zie o.a. het boek De media-explosie van Kees van Wijk waaraan ik ook enkele bijdragen heb geleverd.
[6] https://www.rijksmuseum.nl/nl/zien-en-doen/tentoonstellingen/fake
[7] https://eur-lex.europa.eu/EN/legal-content/summary/digital-services-act.html







